De invloed van The Country Blues op een jonge Bob Dylan #2 (kleine aanvulling)

In november 2023 kocht ik de door Samuel B. Charters samengestelde elpee The Country Blues. Een paar maanden later schreef ik op de blog de Bob Dylan aantekeningen een stuk over de invloed van dit album op de jonge Bob Dylan (zie hier). In dat stuk probeerde ik hard te maken dat Bob Dylan al voor het krijgen van (een acetate van) King Of The Delta Blues Singers van John Hammond een song van Robert Johnson had gehoord op The Country Blues en dat het diezelfde plaat was waarop hij Fixin' To Die van Bukka White hoorde, een song die hij vervolgens opnam voor zijn debuutalbum Bob Dylan (1962).

Bij de plaat The Country Blues hoort het gelijknamige boek van Samuel B. Charters. Ik weet niet wat eerder verscheen: het boek of de plaat, beiden kwamen uit in 1959. Op de hoes van de elpee wordt verwezen naar het boek. In het boek wordt verwezen naar de elpee. Hoewel het boek prima te lezen is zonder bekend te zijn met de elpee en de muziek op de plaat overeind blijft zonder het boek gelezen te hebben, worden zowel boek als elpee sterker door de combinatie. 

Nou heb ik het boek The Country Blues van Charters al enkele jaren in huis - misschien al we langer dan ik de plaat heb - maar ik ben dat boek kwijt. Ik moet het op een plek gelegd hebben waar mijn ogen nooit kijken. Onlangs zag ik een exemplaar van het boek staan in de kringloopwinkel. Ervan uitgaande dat ik het eerder gekochte exemplaar niet op korte termijn terug zal vinden, kocht ik het. Las het ook maar gelijk. Het zou me niet nogmaals gebeuren dat ik The Country Blues onvindbaar zou opbergen.

In de verhalen in The Country Blues citeert Samuel Charters regelmatig songteksten van de besproken bluesmuzikanten. Het is opvallend hoeveel door Charters geciteerde tekstregels in The Country Blues al dan niet letterlijk terug te vinden zijn in Bob Dylans oeuvre. Het zijn er dusdanig veel dat het me niet zou verbazen wanneer Dylan The Country Blues heeft gelezen en - al dan niet - bewust heeft gebruikt als inspiratiebron. Natuurlijk is het zeer goed mogelijk dat Dylan dit boek nooit opengeslagen heeft, dat hij de bedoelde bluesregels elders heeft opgepikt. Uit andere boeken of rechtstreeks van opnamen van bewuste musici.

Enkele voorbeelden:

The funniest thing I ever seen

Was a wampus cat with his eyes of green 

wordt bij Dylan:

The funniest woman I ever seen

Was the great-granddaughter of Mr. Clean 

En: 

Thta's why I'm gonna move to the outskirts of town.

That's why I don't want nobody always hanging around.

wordt bij Dylan:

Somebody seen him hanging around

At the old dancehall on the outskirts of town

Opvallend is dat Bob Dylans website een aantal van Dylans invloeden laat zien op de pagina Books of interest, maar dat Samuel B. Charters ontbreekt. Geen The Country Blues op deze site, maar wel andere boeken over blues van onder andere Peter Guralnick en Alan Lomax, geen The Poetry Of The Blues van Samuel Charters, maar wel The Blues Line van Eric Sackheim en The American Songbag van Carl Sandburg. Je zou bijna denken dat Samuel B. Charters is vergeten. Dat is jammer. Dat de mans werk van invloed is geweest op het schrijven van de jonge Bob Dylan staat voor mij wel vast.


Brieven aan Thomas #15

Thomas,

Er is een schitterend gedicht van Jules Deelder over jazzgrootheid Thelonious Monk. Misschien ken je het, het heet 'The Monk'. Dat gedicht is een van de redenen waarom ik ooit in de muziek van Thelonious Monk ben gedoken, aanvankelijk schoorvoetend en met vallen en opstaan, maar inmiddels vol overtuiging koppie onder. Wanneer het eenmaal klikt tussen Monk en de oren, gaat er een wereld open. 

In zijn gedicht beschrijft Jules Deelder een optreden van Thelonious Monk waarbij de pianist drie kwartier lang geen noot speelt, slechts danst rond de piano. Het is bekend van Monk dat hij - wanneer zijn band naar zijn idee goed speelde - tijdens concerten zijn plek achter de kruk kon verlaten om te dansen. In de door Youssef Daoudi getekende biografie van de pianist - Monk! Thelonious, Pannonica, And The Friendship Behind a Musical Revolution geheten - komt dat mooi naar voren. In enkele tekeningen van Daoudi danst Thelonious Monk je van de pagina tegemoet. Een aanrader dat boek (onlangs ook in een Nederlandse vertaling verschenen).

Ik heb mij altijd afgevraagd waar en wanneer dat door Deelder beschreven concert geweest moet zijn. Ik heb niet de illusie daar ooit daadwerkelijk achter te komen, maar een beetje dagdromen mag. 

Gisteren draaide ik de door Fondamenta in 2017 op dubbel-cd uitgebrachte opname van Thelonious Monks concert op 28 oktober 1967 in De Doelen in Rotterdam (!) en kon ik niet aan de indruk ontkomen dat dit het concert moet zijn geweest dat Jules Deelder inspireerde tot het schrijven van zijn gedicht. Op de opname is duidelijk te horen dat Monk een aantal malen stilvalt. Of hij op die momenten ook danste, is op de cd uiteraard niet te horen, maar als ik mijn best doe, wil ik het geloven. 

Oké, nergens op de opname is de pianist drie kwartier bij zijn instrument weg en ook nergens heb ik dat ene alles goedmakende akkoord uit Deelders gedicht gehoord, maar dat is ook logisch: een gedicht is geen recensie.

Uiteindelijk maakt het niet uit of opname en gedicht bij elkaar horen. Voor mij past het. Als ik naar Monks Live At Rotterdam 1967 luister, zie ik de jonge Jules Deelder in het publiek zitten. Hij geniet.

Pas goed op jezelf en je vingers - mocht je vuurwerk gaan afsteken,

groet,

TW

29XII25

~ * ~ * ~ * ~

The Monk

Wie zoals ik ooit Monk
op een concert dik drie
kwartier geen nóót zag
spelen maar al die tijd
in trance gelijk een me-
dicijnman rond de Stein-
way dansen en onder toe-
nemend gemor van een op-
eengepakt gehoor plots
als een speer op het i-
voor af duiken en na nog
één tel wachten met één
accoord die hele drie
kwartier goedmaken
                               doet
er verstandig aan van 't
leven - althans op muzi-
kaal gebied - niet al te
veel meer te verlangen
en op z'n blote knieën
god te danken dat hij
The Monk bij die gele-
genheid heel hartelijk 
heeft horen lachen

     - Jules Deelder -

Brieven aan Thomas #14

Thomas,

Ik  wilde je vandaag schrijven over het album The Secret Index To The Past van Ed Sanders. Die plaat is een maand of twee geleden verschenen. Ik kwam 'm bij toeval tegen in de bakken van een lokale platenzaak, het was volledig langs me heen gegaan dat Sanders een nieuw album had uitgebracht. Ik had nergens over The Secret Index To The Past gelezen. Niemand had me getipt. 

Ed Sanders kan niet zingen, maar doet het wel. Dat is een van de redenen waarom The Secret Index Of The Past bij eerste beluistering grote indruk op mij maakte. Dat was een paar dagen geleden. Vanochtend liet ik de elpee voor een tweede keer onder de naald draaien, maar gek genoeg werd ik dit keer minder van mijn stuk gebracht door wat ik hoorde. Was het niet het juiste moment om naar Sanders te luisteren of is The Secret Index To The Past zo'n plaat die aanvankelijk werelds lijkt, maar bij betere beluistering toch tegenvalt? Ik weet het (nog) niet.

Ik laat Sanders rusten voor nu, kom er later op terug. Naast de twijfel over wat ik vind van die plaat, is er nog een tweede reden om dat te doen. Terwijl Sanders draaide, bladerde ik door het kunsttijdschrift Apollo. In dit tijdschrift staat onderstaande afbeelding.



Bij het zien van dit werk moest ik gelijk denken aan de hoes van Everyday I Wear A Greasy Black Feather On My Hat van Moondog Jr:



Men zegt wel eens dat het vooral de muziek is die je rond je 15de jaar hoort die je de rest van je leven zal bij blijven, maar daar moeten wel uitzonderingen op zijn. In het jaar dat Everyday I Wear... verscheen, vierde ik mijn 22ste verjaardag en werkte ik in een bibliotheek, voornamelijk op de muziekafdeling. Een collega schoof het net binnengekomen Moondog Jr.-album onder mijn neus met de woorden 'luister dáár maar eens naar.' 

Het album moest me veroveren. Ik luisterde een keer of drie, vier naar die van de bibliotheek geleende cd voor ik besloot het ding te kopiëren op cassette. Na nog twee, drie keer die cassette draaien was ik verkocht en kocht ik een eigen exemplaar van Everyday I Wear A Greasy Black Feather On My Hat

We zijn dertig jaar verder. Moondog Jr. werd Zita Swoon. Stef Kamil Carlens - de man achter zowel Moondog Jr.  als Zita Swoon - maakte soloplaten, de een beter dan de ander, maar nooit meer werd het zo goed als op die ene elpee van Moondog Jr. 

Had je mij 25 jaar geleden gevraagd welke tien albums ik mee zou nemen naar het denkbeeldige onbewoonde eiland, dan zou ik Everyday I Wear... als een van de eerste noemen. Vraag het me vandaag en die lijst is compleet anders dan 25 jaar geleden. Slechts twee titel hebben al die tijd op die lijst gestaan: deze van Moondog Jr. en Bringing It All Back Home van Bob Dylan. 

Zó goed is Every Day I Wear A Greasy Black Feather On My Hat.

Nu komt het vreemde: pas na zo'n kwart eeuw luisteren naar Moondog Jr. viel het kwartje. Ik heb het over die bandnaam: Moondog Jr. Dat is een verwijzing naar Moondog, zo realiseerde ik me uiteindelijk, de excentrieke muzikant, ook bekend als de Viking Of Sixth Avenue. Wie goed luistert, hoort overeenkomsten tussen de muziek van Moondog en Moondog Jr., vooral wanneer je luistert naar de enkele instrumentale stukken op Every Day I Wear A Greasy Black Feather On My Hat.

Mocht je gaan luisteren naar Moondog Jr., verwacht dan niet dat het kwartje valt bij de eerste keer luisteren naar Everyday I Wear A Greasy Black Feather On My Hat. Geef de plaat een kans, de tijd. Luister een paar keer en als je de juiste oren hebt, zul je een album voor het leven rijker zijn. En als het klikt tussen jou en Everyday..., ga dan ook op jacht naar de ep TV Song van Moondog Jr. die voor het album verscheen en de cd-single Jintro & The Great Luna om dan gelijk maar alles van Moondog Jr. tot je te kunnen nemen.

Pas goed op jezelf,

Mocht ik je voor die tijd niet meer spreken: goede feestdagen,

Groet,

TW

20XII25

Ted Joans

Afgelopen april kwam ik bovenstaande fragment uit de film Jazz & Poetry van Louis van Gasteren op YouTube tegen. Ik heb een zwak voor de dichter Ted Joans, dit fragment was een openbaring voor mij. De opnamen zijn gemaakt in Amsterdam in 1964, aldus de informatie op YouTube. 

Het eerste door Joans voorgedragen gedicht was een aantal jaar geleden te horen in De Wereld Draait Door. Bij de woorden 'Jazz is my religion' - het tweede gedicht - zal menig poëzieliefhebber doen denken aan Jules Deelder, maar deze woorden zijn niet van Deelder zelf, hij vond ze bij Ted Joans.

Sinds april sluimert de gedachte dat ik 'iets' met dit filmpje moet op deze blog in mijn achterhoofd, maar wat precies wist ik niet. En het gekke is dat in de maanden sinds april out of the blue hier en daar kleine verwijzingen naar dit optreden van Joans opduiken in wat ik lees.

Eerst was er het boek Schrijversleven; dagboekaantekeningen van Remco Campert. In een dagboekaantekening van 25 september 1962 schrijft hij: '(...) naar avond in Sheherezade [moet zijn: Sheherazade, jazzclub] belegd door Sim. Vin. [Simon Vinkenoog] Voel mij minder hip dan ooit, terwijl ook niet bizonder beat. Op deze avond zal jazz gespeeld worden en poëzie gelezen. [...]

Hoofdschotel van de avond is de Amerikaanse beat-dichterschilder Ted Joans, who is spreading the good word in Europe. Ik las weleens beroerde dichtershoeklyrische gedichten van hem en zinnen als: "I cannot deny that I am Ted Joans Afro American negro colored spade spook mau mau soul-brother coon jig darkie, etc." En: "I have never owned a gun and never killed anything - I guess there is too much good God art in my heart to hurt something physically". Wekt geen vertrouwen, zoiets, bij de gewaarschuwde man.'

Het is wat vreemd dat Campert deze aantekening in 1962 maakte terwijl volgens de informatie bij het YouTube-filmpje de opnamen van Ted Joans twee jaar later gemaakt zijn. Gaat het om twee verschillende optredens, of klopt een van de twee dateringen niet? 

Aan het begin van het filmpje bedankt Joans Simon voor de introductie, dat moet wel haast de ook door Campert genoemde Simon Vinkenoog zijn.

In tijdschrift Jazz bulletin van december 2022 staat het door Erik van den Berg geschreven artikel 'ting ting ting in de bleke zon' over Simon Vinkenoog en jazz. Van den Berg: 'Niet veel later [na het verschijnen van Vinkenoogs boek Hoogseizoen (1962)] wordt Vinkenoog een gangmaker van jazz and poetry in Nederland. Hij organiseert combinaties van "toffe jazz, poëzie, happenings, acts, battles of the instruments" in de Amsterdamse jazzclub Sheherazade, waarvan een avond in 1964 door cineast Louis van Gasteren wordt vastgelegd in de documentaire Jazz and Poetry. Daarin zien we de Amerikaanse jazzdichter Ted Joans aangekondigt als "distinguished guest" bij het kwartet van Piet Kuiters, altist Herman Schoonderwalt, bassist Ruud Jacobs en drummer Cees See.'

Weer dat jaar 1964...

Diezelfde Erik van den Berg publiceerde eerder dit jaar het schitterende boek De jazzband van den Duivel, waarin hij schrijft over jazz in Nederlandse fictie. In dit boek is het boven genoemde artikel 'ting ting ting in de bleke zon' opgenomen, maar dit stuk is niet de enige in De jazzband van den Duivel waarin Ted Joans genoemd wordt. In het stuk over Jules Deelder komt - hoe kan het ook anders - Joans' lijfspreuk 'jazz is my religion' voorbij en in het essay over L.Th. Lehmann lees ik: 'In de jaren zestig trad Lehmann op met trompetist Nedly Elstak en in de Amsterdamse club Sheherazade sloot hij vriendschap met de Amerikaanse jazzdichter Ted Joans. Een periode waarnaar hij verwijst in zijn gedicht "Poetry and jazz",  met de aantekening "Combo op de achtergrond. Up-tempo"

Vervolgens citeert Van den Berg een deel van het gedicht 'Poetry and jazz', maar in dat geciteerde fragment geen Ted Joans.

Ik bezit slechts één bundel van Lehmann, het in 1966 verschenen Luxe. Ik hoopte daarin 'Poetry and jazz' aan te treffen, tevergeefs, maar al bladerend bleef mijn oog hangen aan het eerste deel - 'verkenning' geheten - van het gedicht 'December 1963 Atheense dodekalogie' waarin Ted Joans te vinden is:

De internationale zwerversbrigade,

(noem ze geen beatniks;

hier schuilt een standverschil;

beatniks wassen zich niet)

ook voor een goede zaak:

zichzelf.

Geen souvenirzaak verdient aan hen

en geen duur hôtel.

Ze kijken niet naar het Parthenon,

kopen geen Aráchova-tassen,

loeren niet op pittoreske typen

en zijn a dead loss voor tourist business.

Toch zette Pappa Spiros op Syntagma

naast de American Express,

met dure ouzo en lauwe espresso

ook hen af, tegelijk met

winkelende Griekse hoedendames

en Ted Joans die op het terras zit

koud en gekleed op Kenya

met zijn trompet in de plastic zak.

Het wachten is nu op de grote Vinkenoog-biografie waarin - hoop ik - een en ander zal staan over Ted Joans in Nederland. Of toch eerst maar de Joans-biografie lezen, enkele maanden geleden verschenen.


Een beroemd kaartje

Toen Bob Dylan voor zijn eerste concert op Nederlandse bodem uit het vliegtuig stapte was ik niet in de buurt van de luchthaven om hem met spandoeken en geschreeuw te begroeten. In 1978 - het jaar van Dylans eerste Nederlandse concert - was ik vijf en had ik nog nooit van de man gehoord.

Toch heb ik een toegangskaartje voor dat eerste Dylanconcert op Nederlandse bodem. Ik koester het alsof ik wel bij dat concert was. (En op een bepaalde, verwrongen manier was ik ook bij dat concert.)

Dat kaartje kocht ik via Marktplaats van een Dylanliefhebber die niet alleen in geest, maar ook fysiek in De Kuip was op 23 juni 1978 om Bob Dylan te zien optreden.

Schreef ik, toen ik dat kaartje kocht, al aan mijn boek Bob Dylan in Nederland 1965 - 1978 (2011) of had ik alleen nog maar wilde plannen? Ik weet het niet meer. Ik weet wel dat ik dat kaartje kocht om het te kunnen afdrukken in mijn boek over Dylan. Ik vond toen dat ik zo'n kaartje moest bezitten, tussen mijn vingers moest kunnen wrijven om überhaupt over Bob Dylan in Nederland te kunnen schrijven.

Enfin, ik kocht een toegangskaartje voor een concert dat al een tijdje voorbij was. Toen de enveloppe met het kaartje door de brievenbus op de mat viel, kwam het met een punt op de grond waardoor de rechter bovenhoek van het kaartje kreukelde. Daar baalde ik van. Bovendien was het kaartje door de vorige eigenaar uit een plakboek geknipt. Op de achterzijde van het kaartje zit een klein kartonnen vierkant geplakt, een restant van een bladzijde uit een plakboek.

Geen perfect kaartje, maar wel mijn kaartje.

Ieder concertkaartje heeft een uniek nummer, dat op mijn kaartje is bijzonder: 001941. Bob Dylan werd in 1941 geboren. Dat dat kaartje van mij een eigen leven zou gaan leiden, kon ik toen nog niet voorzien.

Twee jaar na het verschijnen van Bob Dylan in Nederland 1965 - 1978, op 23 juni 2013, schreef ik op de blog Bob Dylan in (het) Nederland(s) over dat eerste concert in Nederland. Die dag was het precies vijfendertig jaar geleden dat Bob Dylan voor het eerst in Nederland speelde. Bij dat stuk, bestaande uit een korte inleiding en een fragment uit mijn boek, plaatste ik twee afbeeldingen, waaronder mijn toegangskaartje.

Het is de door mij online gezette scan geweest waarmee de reis van mijn concertkaartje begon.

In november 2014 publiceerde Uitgeverij De Kring het boek Drie akkoorden en de waarheid van Rob van Scheers. Ik heb dat boek niet gelijk gekocht nadat het verscheen. Het exemplaar van het boek dat ik heb gelezen is de vierde druk.

Rob van Scheers schrijft onder andere over Bob Dylan in dit boek, daarbij gaat hij kort in op Dylans eerste concert in Nederland. Drie akkoorden en de waarheid is rijk geïllustreerd. Op bladzijde 26 van het boek staat een toegangskaartje van Bob Dylans eerste concert in Nederland afgedrukt, in zwart-wit. De punt rechtsboven van het afgebeelde kaartje is gekreukeld, alsof die punt ergens tegenaan gestoten is. Het nummer op het kaartje verraadt wat ik bij een eerste blik op die afbeelding al vermoedde: het is mijn kaartje dat in het boek van Van Scheers staat afgebeeld. Die ontdekking bevreemd me. Aan de ene kant is het leuk, misschien zelfs wel eervol dat uitgerekend mijn kaartje in het boek van Van Scheers is afgedrukt, maar aan de andere kant had ik het ook wel prettig gevonden als ik dat had geweten. Waarom stuurde Rob van Scheers of Steven Boland - de verzorger van de binnenkant van Drie akkoorden en de waarheid - me niet even een berichtje met de mededeling dat ze een afbeelding van mijn blog hebben gehaald voor gebruik in een boek?

Na lang twijfelen en het overwinnen van veel schroom - zoiets doe ik normaliter niet - heb ik eind januari 2015 Rob van Scheers geschreven over een aantal Dylan-zaken in zijn boek, waaronder over dat kaartje. Drie dagen later krijg ik antwoord: 1 of 2 zaken zullen aangepast worden in een nieuwe druk van Drie akkoorden en de waarheid en dat concertkaartje heeft hij inderdaad van internet 'geplukt'.

Of er in latere drukken van Drie akkoorden en de waarheid iets staat over de bron voor die afbeelding op bladzijde 26 weet ik niet. Het leven is veel te kort om daar lang bij stil te staan.

2017: Bob Dylan komt in april voor drie concerten naar Amsterdam. Concertpromotor Mojo blikt op de eigen website terug op Dylans eerste concert in Nederland. Dat doen ze door het plaatsen van een filmpje met beelden van Bob Dylans concert in De Kuip en een interview met Mojo-baas Leon Ramakers. Daarnaast plaatst Mojo twee afbeeldingen op de site: een advertentie van Bob Dylans eerste concert en een concertkaartje. Je raadt het al: dat afgebeelde kaartje heeft wat kreukels in de rechterbovenhoek en het unieke nummer 001941. Mijn kaartje dus. Mojo maakt op de website keurig melding van de plek waar ze beide afbeeldingen gevonden hebben: de blog Bob Dylan in (het) Nederland(s). Als dank krijg ik van Mojo twee toegangskaarten voor een van Dylans concerten in Nederland. Niet gek voor het ‘lenen’ van twee afbeeldingen.

Datzelfde jaar publiceert Jerry Bloom zijn boek Bob Dylan’s Picnic over Dylans Blackbushe-concert van 15 juli 1978. En ook in dit boek staat mijn Kuiptoegangskaartje in kleur en de advertentie waarin Dylans eerste concert op Nederlandse bodem werd aangekondigd, door Bloom geplukt van de blog Bob Dylan in (het) Nederland(s), of van de website van Mojo. 

In september 2018 plaatste ik een stuk online over de plekken waar dat ene concertkaartje, mijn concertkaartje inmiddels was opgedoken.[1]  Dat stuk eindigde ik met: “Iets in mij zegt dat de reis van dit kaartje nog niet afgelopen is. Dat het vaker op zal duiken. Misschien is het al elders opgedoken zonder dat het mij is opgevallen. Het kan, het is immers inmiddels een beroemd kaartje.”

Toen wist ik nog niet dat ik dat kaartje wederom zou afdrukken in mijn sterk uitgebreide geschiedenis van de ontvangst van Bob Dylans muziek in ons land, het in 2021 verschenen Bob Dylan in Nederland 1965 – 1984 of dat de Vlaamse Dylanverzamelaar Luc De Vos een platenspeler in zijn bezit zou krijgen waarvan de bovenzijde een afbeelding van mijn concertkaartje bevat. Of dat muziektijdschrift Heaven ook dat kaartje weet te vinden.

Het is eind 2025. In de nieuwe Heaven (#1 jan. Febr. 2026) staat een afbeelding van een concertkaartje bij het artikel van Peter de Ruiter en Wim Bot over Bob Dylans album Blood On The Tracks. De rechterbovenhoek van het afgebeelde kaartje heeft wat kreukels, kaartje nummer 001941. Mijn kaartje. Het kaartje dat in juni 1978 werd gebruikt om de Kuip binnen te komen om bij thuiskomst in een plakboek te verdwijnen. Zo’n drie decennia later werd het verpatst via Marktplaats waarna het via een blog terechtkwam in vier boeken, op de website van een concertpromotor, op een platenspeler van een Dylanverzamelaar en in een muziektijdschrift.

Het is dan ook een heel beroemd kaartje, dat kaartje van mij.


[1] https://bobdylaninnederland.blogspot.com/2018/09/de-reis-van-een-toegangskaartje.html Bovenstaand stuk is een bewerking van dat stuk uit 2018, inclusief aanvullingen.

vijf tips

Vijf tips om in deze decembermaand op je verlanglijst te zetten, of - nog leuker - juist weg te geven. Drie albums, twee boeken. En nee, ik heb niet de wijsheid in pacht. Maak dus vooral je eigen keuzes, wees eigenwijs.

1. Chrissy Zebby Tembo - My Ancestors

Zamrockalbum, verscheen voor het eerst in 1976. De originele versie in onvindbaar, gelukkig zijn er in de loop der jaren meerdere heruitgaven verschenen. Gooi wat psychedelische rock, Afrikaanse muziek en een goede stem bij elkaar, flink roeren en je krijgt het album My Ancestors. Met Paul Ngozi op gitaar. 

De eerste keer draaien is My Acestors goed. De tweede keer erg goed. Na de derde draaibeurt ontstaan de ontwenningsverschijnselen en blijf je dit draaien. 

Meer informatie vind je hier.

De titelsong beluister je hier.

2. Alja Spaan - Iets dat op een route leek en een kaart van die andere wereld

Dat Alja Spaan een dichter is om in de gaten te houden, bewijst ze dagelijks op haar website met een nieuw gedicht. In Iets dat op een route leek en een kaart van die andere wereld onderzoekt Spaan de relatie met haar moeder. Een moeder die in haar laatste jaren haar decorum aflegt en daardoor voor dochter Alja toegankelijker wordt. 

Dichtbundel voor iedereen die een moeder heeft.

De website van Alja Spaan vind je hier.

Uitgebreide recensie van Spaans bundel door Pom Wolff lees je hier.

Iets dat op een route leek en een kaart van die andere wereld is in iedere goede boekwinkel te bestellen.

3. Brigitte Fontaine - Brigitte Fontaine Est... Folle

Het album Brigitte Fontaine Est... Folle (1968) van de ietwat vergeten Franse zangeres Brigitte Fontaine is onlangs opnieuw uitgebracht op elpee en cd, inclusief een sloot aan bonustracks als demo's en instrumentale versies van songs van Brigitte Fontaine Est... Folle. Maar het zijn niet deze extra's die de aanschaf van Brigitte Fontaine Est... Folle tot een must maken, maar de elf songs van het album zoals dat voor het eerst in 1968 verscheen. Een unieke botsing tussen Franse Chansons, psychedelica, kitsch en poprock, dat is wat dit album de moeite waard maakt. 

Openingstrack Il Peut beluister je hier.

4. Sean Murphy - Punk Rock Jesus

Zesdelige comic reeks geschreven en getekend door Sean Murphy, verschenen tussen september 2012 en januari 2013. De zes delen zijn verzameld in een gelijknamige Trade Paperback. 

Punk Rock Jesus vertelt het verhaal van het creëren van een clone van Jezus met behulp van DNA van de Lijkwade van Turijn. Uiteraard wordt dit niet gedaan om enige nobele reden, maar om de centen en de roem. De jonge Jezus-clone groeit op op een eiland waar constant camera's op hem gericht zijn voor de aan hem gewijde reality tv-show. De stress die dat de jonge Jezus-clone geeft, zorgt ervoor dat hij de kont tegen de krib gooit en zich ontwikkeld tot punk.

Voor een indruk van Murphy's tekenstijl, zie hier.

Punk Rock Jesus is inmiddels meer dan 10 jaar oud, maar wie wat moeite doet kan een prima tweedehands exemplaar vinden of een recente heruitgave.

5. Muluken Mellesse with the Dahlak Band - Muluken Mellesse with the Dahlak Band

De eerste heruitgave van dit niet te vinden album uit 1976 werd recent door het label Heavenly Sweetness op de markt gebracht. Voor liefhebbers van de Ethiopiques-serie. Volgens de hypesticker is dit album een van de laatste albums die in de jaren zeventig in Ethiopië kon verschijnen. 

Songs van het album zijn op Bandcamp te beluisteren, zie hier



Brieven aan Thomas #13

Thomas,

Ging vanochtend in alle vroegte de wekker af zodat je op tijd in de wachtrij kon plaatsnemen bij de lokale platenzaak? En zo ja, heb je de Black Friday-releases kunnen kopen waar je je zinnen op had gezet? Voor mij was er maar één release die ik graag wilde hebben: de teruggetrokken versie van The Freewheelin' Bob Dylan. Deze versie van Freewheelin' bevat vier songs die uiteindelijk vervangen zijn door andere songs, zoals Girl From The North Country en Masters Of War. Nadat een paar jaar geleden de teruggetrokken versie van Blood On The Tracks al was uitgebracht, kon het niet uitblijven dat ook deze Freewheelin' een keer zou uitkomen. Dat heeft uiteindelijk nog lang geduurd. Dat er dan nu eindelijk een officiële release is van de teruggetrokken Freewheelin', zal te maken hebben met het verschijnen van Through The Open Window, het achttiende deel van The Bootleg Series.

Nu de originele Freewheelin' eindelijk 'gewoon' uitgebracht is - 62 jaar later - zal hier en daar de vraag opduiken welke beter is: deze originele versie, of de Freewheelin' zoals die al sinds jaar en dag door Jan & alleman beluisterd wordt. Ik vind dat een lastige vraag om te beantwoorden. Die twee versies van Freewheelin' verschillen dusdanig van elkaar, dat er in mijn ogen eerder sprake is van twee verschillende albums dan van twee verschillende versies van hetzelfde album. Rocks And Gravel is ten slotte een compleet andere song dan Girl From The North Country. Daar waar Let Me Die In My Footsteps een song van het opgeheven hoofd is, is Masters Of War er eentje - om het even oneerbiedig te stellen - van het wijsvingertje. Onvergelijkbaar met elkaar. Talkin' John Birch Paranoid Blues en Talkin' World War III Blues vertonen wel overeenkomsten, maar Rambling, Gambling Willie staat mijlenver van Bob Dylan's Dream.

 Aan die song Let Me Die In My Footsteps moest ik gisteren nog denken toen de door de overheid verspreidde folder Bereid je voor op een noodsituatie door de brievenbus viel, maar dit terzijde.

Enfin, vandaag duik ik dus in de teruggetrokken Freewheelin' en dat terwijl ik Through The Open Window misschien al wel van begin tot eind gehoord heb, maar nog niet geheel tot me door heb laten dringen, om nog maar te zwijgen over de Anthology-uitgaven van The Beatles. Allereerst natuurlijk de nieuwe cd/lp-versie en daarnaast een uur of acht aan documentaire op Disney+. Anthology 4 heb ik gehoord & afgezien van wat ik er van vind, is dit toch wel een dingetje. We hebben het wel over een nieuwe release van The Beatles anno 2025. 

The Beatles, wie kent ze niet, zou je zeggen. Dat was toch wel even schrikken vanochtend in de rij voor de platenzaak. In de etalage van die zaak lagen wat Beatles-releases (Anthology, Abbey Road). De jongen achter mij (jaar of 16, 17, schat ik) had nog nooit van The Beatles gehoord. Zijn moeder was bereid hem een en ander bij te brengen, maar ook haar kennis van The Fab Four reikte niet veel verder dan de bandnaam. 

Wordt het niet tijd dat enige basiskennis over The Beatles wordt onderwezen op de middelbare school? Anders vrees ik dat we over een aantal jaren niet alleen een rookvrije, maar ook een Beatlesloze generatie hebben. Dat kan niet goed zijn voor de maatschappij. 

Ik zeg The Beatles vanaf heden onderwijzen op de scholen & een overheid die iedere ontvanger van de folder Bereid je voor op een noodsituatie ook een exemplaar van de teruggetrokken Freewheelin' toestuurt, al is het alleen maar om Let Me Die In My Footsteps onder de aandacht te brengen.

Pas goed op jezelf,

groet,

TW

28XI25

PS: mocht je nog een exemplaar van de teruggetrokken Freewheelin' zoeken, stuur me even een mailtje. Ik weet een platenzaak die pas morgen z'n Black Friday-releases krijgt. Als je daar morgen naartoe gaat, heeft 'ie vast een exemplaar voor je.

Long Fling

Het leven zit vol verrassingen. Het net verschenen album van Long Fling - het duo Pip Blom en Willem Smit - is een aangename variant van die verrassingen waar het leven vol mee zit. Gisteren dat album gekocht en hoewel ik nog veel te beluisteren heb, blijft Long Fling door de kamer schallen. Lo-fi, indie, het zijn termen die ik her en der voorbij zie komen in de besprekingen van dit album en besprekers - OOR, Mania, VPRO 3voor12 - zijn allemaal positief. Aangenaam-keukentafel-naïef zou ik de muziek van Long Fling willen noemen. Een beetje maf ook. Hoekige muziek met goede stemmen, twee sterk van elkaar verschillende stemmen die goed bij elkaar blijken te passen. Poppy ook, hier en daar. Maar bovenal aanstekelijk.

Daan van Eck noemt de songs van Long Fling in Mania 'DIY-liedjes' en 'Lekker losbandige, onvoorspelbare gitaar-en-drummachine-anthems' en ik kan me daar alleen maar bij aansluiten. De muziek rammelt en schudt en suddert als zo'n lome zondag waarop nog wat gaat gebeuren, al weet nog niemand wat precies. Maar dat het de sleur zal doorbreken, is wel zeker.

De hoes van de elpee is een wondertje van minimalisme. Op de voorzijde een gebakken ei (waarvan de dooier het label van kant A is) en op de achterzijde een tomaat (label kant B is dan ook rood). Geen songtitels of namen van musici, geen jaartal van uitgave of copyright-informatie, geen 'met speciale dank aan...' of een naam van een platenmaatschappij. Alleen op de rug van de hoes in piepkleine witte letters: Long Fling. De hoes verklapt niks. Met dank aan dat niks is er de volle aandacht voor de muziek. Goede zet dus, zo'n hoes van niks. 

En ondertussen draai ik de plaat nog maar eens om, ik heb er nog lang geen genoeg van. Dit is een blijvertje. Een bijtend blijvertje.

Het album van Long Fling is te verkrijgen op elpee (beperkte oplage), cd en digitaal. Wie twijfelt (niet doen!) kan de songs eerst via Bandcamp beluisteren.

Het album van Long Fling is eigenwijs genoeg om over een jaar of -tig op te duiken op allerlei 'best of...' lijstjes. Best of 2025, Best of indie, Best of ever, Best of vul maar in. En dat zou dan volledig terecht zijn. Luister dan album!

niet gezocht #1

Ik heb het al vaker gezegd: het mooie van rommelmarkten en kringloopwinkels is het vinden van wat je niet zoekt. De serie 'niet gezocht' is een ode aan het vinden.

Mijn vrouw en dochter hebben een zwak voor oude foto's en ansichtkaarten. Lang heb ik dat niet begrepen, maar sinds kort heeft ook dat virus vat om me gekregen. Zo kocht ik onlangs bovenstaand fotootje. Het is vrij klein - 8,3 cm bij 5,5 cm - en niet helemaal scherp. Op de foto staan vier mensen zittend in het bos. Helemaal links op de foto een man met een gitaar. De drie dames naast hem hebben - net als de man - een witte bloes aan, waarvan twee met korte mouwen. In de rechter benedenhoek lijken wat spullen te liggen die het vijftal (de vier op de foto + de fotograaf) mee hebben genomen het bos in, maar wat dat is, is niet goed te zien. Aan een tak aan de boom helemaal rechts is een jas opgehangen. Geen idee wanneer of waar deze foto genomen is. Op de achterzijde van de foto staat alleen het nummer 36 en de naam van het bedrijf dat de foto ontwikkelde: Fotokino Voerman, Zwolle. Waarschijnlijk is de foto dus in de buurt van Zwolle gemaakt.

De man met de gitaar deed mij denken aan mijn vader. Mijn vader moet ongeveer van dezelfde leeftijd zijn geweest als de man op de foto toen hij gitaar speelde. In die dagen had mijn vader nog net zo'n bos donker haar als de man op de foto. Dar is nu weinig meer van over. 

In de verhalen van mijn vader over vroeger komt de stad Zwolle regelmatig voorbij. Zwolle was in zijn jeugd de grote stad op fietsafstand van het thuisdorp. Er bestaan soortgelijke foto's als bovenstaande van mijn vaders jeugd. Dat de man op de foto toch niet mijn vader is, weet ik door de gitaar die de man bespeeld. Mijn vaders gitaar was er eentje met twee f-vormige klankgaten in de kast, niet met een rond klankgat, zoals de gitaar op de foto.

Wat doet deze jongeman met zijn gitaar met drie dames in het bos? Onder de smoes van een 'gezellige picknick' een van de dames het hof proberen te maken?

De drie dames lijken niet alleen maar te luisteren naar het spel van de gitarist. De dame gezeten direct naast hem lijkt zelfs haar rug wat naar hem toe te keren. Zit ze al de hele tijd zo met haar rug wat naar de gitarist, of is dit ontstaan tijdens het aannemen van de pose voor de fotograaf? 

De dame helemaal rechts lijkt haar handen voor haar mond geslagen te hebben. Bij een eerste blik op de foto vraag ik me af of ze een lach probeert te verbergen zoals je soms ziet bij mensen die zich schamen voor de staat van hun gebit. Pas wanneer ik wat inzoom op de foto valt me op dat ze wat in haar handen heeft. 

Iets te eten misschien? Niet waarschijnlijk. Eten in je mond stoppen doe je met bestek of - tijdens een picknick - met één hand, geen twee handen. Tenzij je iets aan het afkluiven bent, zoals een kippenpoot of een maiskolf, dat zou nog kunnen, maar ook dat lijkt me niet waarschijnlijk. Ze kijkt recht de camera in, de poseert voor de foto. Haar houding - handen waarin ze iets vast heeft voor haar mond - heeft ze aangenomen voor de foto. Dat wat ze voor haar mond houdt, wil ze op de foto tonen. Een logische optie zou een mondharmonica zijn. Met die mogelijkheid in het achterhoofd gaat de foto er ineens anders uitzien.

Zou het rechthoekige ding in de handen van de vrouw naast haar een stuk papier zijn met daarop de bladmuziek of mogelijk een te zingen tekst? 

En hoe zit het dan met die vrouw naast de gitarist? Ik had het aanvankelijk niet gezien op het kleine fotootje, maar tijdens het door een vergrootglas staren naar de foto blijkt ze een mandoline te bespelen. Ze lijkt ook het meeste plezier te hebben in het samenspelen. Ze is de enige die haar tanden bloot lacht op de foto (al weten we dat van de mondharmonicaspeelster natuurlijk niet zeker). 

Zou de fotograaf ook een instrument bespelen? Zou dit een gezellig samenkomen in het bos van vijf jongeren zijn geweest om samen wat muziek te maken? Of maakt de fotograaf helemaal geen deel uit van de gelegenheidsformatie? Zou hij ingehuurd zijn als fotograaf? Zou de foto bedoeld zijn voor gebruik bij de promotie van een volgend optreden - mogelijk in het lokale buurthuis - van dit viertal? Zou dat dan ook de reden zijn dat ze alle vier een witte bloes dragen, als een soort banduniform? Is daarom het colbertje uitgetrokken en aan een tak in de boom gehangen?

Wat zouden ze spelen? Onschuldige niemendalletjes als 'Kom mee naar buiten allemaal' of toch iets gewaagder: iets van Cliff Richard? Of zouden ze menig voorhoofd van de brave burgermensen doen fronzen met hun versies van de recente hits van Elvis Presley of Little Richard?

De jeugd van tegenwoordig ook. Dat maakt maar muziek in het bos. Van die herrie. Jongens en meisjes samen, zonder toezicht van een volwassene! Schandalig is het. Wat moet daar van terecht komen?



Jochen Markhorst - Bob Dylans Rough And Rowdy Ways Side A

Dat Jochen Markhorst tot de top van de Dylan-schrijver behoort, mag zo langzamerhand als algemeen bekend verondersteld worden. Zijn (gebundelde) essays weten altijd te verrassen met nieuwe en opmerkelijke inzichten in Bob Dylans songteksten waardoor de lezer de mogelijkheid krijgt aangereikt om met nieuwe oren naar Bob Dylan te luisteren.

Met zijn nieuwste boek - Rough And Rowdy Ways Side A - gaat Markhorst nog een stapje verder door de onderlinge samenhang tussen de drie besproken songs - I Contain Multitudes, False Prophet en My Own Version Of You - onder de loep te nemen waarmee hij - al dan niet bewust - laat zien dat Bob Dylan bij het samenstellen van de tracklist van een album niet zozeer de cd of streaming dienst voor ogen heeft, maar de elpee.

Wil je weten wie de valse profeet is? Vraag je je af of er een reden is waarom Anne Frank in I Contain Multitudes naast Indiana Jones en de Rolling Stones wordt gezet? Mocht je denken dat My On Version Of You niet meer is dan Dylans eigen versie van Frankenstein? Dan is Markhorsts nieuwste boek een essentiële gids bij het beluisteren van deze songs.

Eerder al publiceerde Markhorst boeken over de drie songs op kant B van Rough And Rowdy Ways en over de song Crossing The Rubicon van dit album. Het lijkt erop dat Markhorst op weg is naar de bespreking van de complete Rough And Rowdy Ways, iets wat ik alleen maar kan toejuichen.

Voor nu is er Rough And Rowy Ways Side A, een ware aanwinst voor de Dylanbibliotheek. Lees dat boek!


mixtape #7

Met het ontdekken van (voor mij) nieuwe muziek - of opnieuw aanschaffen van wat ooit al eens beluisterd werd - ontstaat een sneeuwbaleffect. Het horen van een album wekt vaak de behoefte om minstens nog drie andere albums - al dan niet van dezelfde artiest - te horen. Om enigszins orde in de ontstane overvloed aan nieuwe muziek te scheppen, grijp ik steeds vaker terug op het fenomeen dat mij in mijn puberjaren hielp greep op de muzikale chaos te krijgen: de mixtape, aanvankelijk op gebrande cd's & sinds de zomer van 2024 steeds vaker op het oude vertrouwde cassettebandje. Door van nieuwe albums één (of meerdere) song(s) aan de tracklist van een mixtape toe te voegen, levert die mixtape niet alleen in een beperkte tijd veel goede muziek op, maar werkt diezelfde mixtape ook als reminder voor de albums die weer eens gehoord moeten worden. In huize Willems maakt iedereen inmiddels mixtapes welke vaak samen beluisterd worden, bijvoorbeeld tijdens het eten. Want wat is er leuker dan de muziek waar je enthousiast over bent te delen met anderen? En op andere momenten de muziek horen waar zoon- of dochterlief, of 'mevrouw Tom' enthousiast over is.
Om de cirkel van delen wat groter te maken, plaats ik hier zo nu en dan - al dan niet met een korte toelichting - de tracklist van een mixtape.
Misschien is dat wel mijn voornaamste doel: lezers nieuwsgierig maken zodat ze gaan luisteren. Want nogmaals: wat is er leuker dan de muziek waar je enthousiast over bent delen?

Na bovenstaande 'standaard inleiding' volgt gelijk de mededeling dat mixtape #7 anders is dan voorgaande mixtapes. Mixtape #7 heb ik niet zelf samengesteld, maar gevonden in een kringloopwinkel. Een tape van anderhalf uur (TDK SA 90 om precies te zijn) met daarop 33 songs. Op de labels van de cassette staat niks geschreven. Ook niks op de J-card van de tape. Wel een twee keer gevouwen briefje met daarop de tracklist in een handschrift dat ik vaak wel (maar soms ook niet) kan lezen. In plaats van staren naar die handgeschreven tracklist ben ik gaan luisteren. Een mixtape die nooit voor mijn oren was bedoeld, maar ook een tape waarvan ik een groot aantal (31 van de 33 songs) of kende, of wel eens eerder had gehoord, maar niet meer kon bedenken waar en wanneer. 
De songs op deze tape zijn - gezien de zachte tikken her en der - opgenomen van platen, ik denk ergens in de jaren tachtig. De tape begint naar mijn smaak sterk, maar naar mate de tape verder gaat, zakt het geheel toch wat in. De muziekkeuzes worden wat zwakker, als je het mij vraagt. Te veel voor de hand liggende keuzes, te veel 'allemansvrienden'-songs.
Toch is er niets in mij die de behoefte heeft om deze cassette te wissen of terug te brengen naar de kringloopwinkel. Hier heeft iemand hard op gewerkt om voor zichzelf een tape te maken, of misschien wel om weg te geven aan een vriend of geliefde. Geen idee wat de gedachte achter deze mixtape was.
Aangezien de mixtape niet mijn mix van songs bevat, zal ik logischerwijze zeker niet over iedere song wat te zeggen hebben en dus blijft het soms kort.

A1 Beach Boys - Sloop John B.
Hoewel ik niet veel heb met de Beach Boys, moet ik bekennen dat dit een prima begin is voor een mixtape. Direct herkenbaar, makkelijk in het gehoor. Als puber kreeg ik ooit twee verzamelalbums van de Beach Boys van een toenmalige baas. Ik heb geluisterd, ik heb het echt geprobeerd, maar het is niet mijn ding. Later nogmaals een poging gedaan met het overbekende Pet Sounds. Het liet me koud. (Met excuses aan alle Beach Boys-liefhebbers.)

A2 The Beatles - Help
Perfect. De energie spat van de muziek.
Ik kende ooit een man die werkte op een helpdesk wiens ringtone Help van The Beatles was. Iedere keer als een wanhopige klant contact met hem zocht om het probleem waar hij / zij mee zat op te laten lossen, schalde Help uit de broekzak van de probleemoplosser.  

A3 Blondie - Denis
Een flinke sprong in de tijd van The Beatles naar Blondie. Ik moet een jaar of zes, zeven geweest zijn toen ik met mijn ouders op bezoek ging bij een jeugdvriendin van mijn moeder. We bleven ook slapen, meen ik me te herinneren. De slaapkamers van de twee puberdochters hingen vol uit muziektijdschriften gescheurde foto's van allerlei bands, maar vooral van Blondie, een band waar ik als klein jochie nog nooit van had gehoord. Dat weekend kreeg ik een overdosis Blondie te horen om de band daarna nooit meer te vergeten.

A4 David Bowie - Boys Keep Swinging
Zwakke song van een muzikant die beter kan.

A5 The Byrds - Turn Turn Turn
Ik ben nooit een groot liefhebber van The Byrds geweest, vooral vanwege die uitermate slechte Dylan-covers en het dreinende, jengelende Turn Turn Turn. Dit is uitzitten.

A6 Elvis Costello - Oliver's Army
Ik heb het moeten opzoeken, op single verschenen in 1979. Het jaar dat ik 6 werd. En toch ken ik het. Vrij goed zelfs. Alsof het er altijd is geweest. Heb ik dit toen van de radio opgepikt? Of later misschien? 

A7 Creedence Clearwater Revival - Bad Moon Rising
Ik kan geen slechte song van CCR bedenken. Goede stem ook heeft die John Fogerty. 

A8 The Doors - Love Her Madly
Ik ontdekte de muziek van The Doors vlak voor de Doors-gekte na de Oliver Stone-film (1991) over deze band met dank aan - jawel - een gekregen mixtape. Dit is afkomstig van de laatste plaat van The Doors, als ik me niet vergis. Van The Doors zijn het vooral de eerste en laatste plaat die mij aanspreken. Twee herinneren: 1. het zien van Apocalypse Now met daarin het nummer The End van het eerste album, en 2. de begrafenis van mijn oma. Zo overleed niet lang na mijn ontdekken van The Doors. Na de begrafenis, klaar om naar huis te gaan, zette mijn zwager de autoradio aan. Precies op dat moment begon Riders On The Storm. En hoewel het de hele dag al dreigde, barste uitgerekend op dat moment het noodweer los. 

A9 Bob Dylan - I Want You
Gek dat mijn eerste gedachte bij het horen van Dylans I Want You op deze mixtape was: ik ben dus niet de enige.

A10 Dave Edmunds - Girls Talk
De naam van artiest en songtitel heb ik moeten opzoeken, al herkende ik het gelijk, maar waarvan?

A11 Danny & The Juniors - At The Hop
Ook bekend. Zat dit in de platenkast van mijn ouders? Het zou wel eens op een verzamelaar kunnen staan uit de collectie van mijn ouders die mijn zus en ik - samen met een oude platenspeler - kregen van mijn ouders toen ik een jaar vijf, zes was.

A12 Tommy Roe - Dizzy
Bekend, maar niet mijn ding.

A13 The Crystals - Then He Kissed Me
Zo'n song die iedereen kent, zonder altijd te weten wie het is of waarvan het gekend wordt. Er staan er meer op deze tape. Sterk nummer.

A14 The Crazy World Of Arthur Brown - Fire
In mijn puberjaren ontdekte ik de muziek van een paar decennia eerder, deze song hoorde daar zeker bij. Overbekend natuurlijk, maar achteraf bezien helemaal niet zo sterk als ik altijd dacht.

A15 Spencer Davis Group - Gimme Some Lovin'
Uitstekende song die iedereen kent, lijkt mij. Veel van wat op deze tape staat zou vaker op de radio voorbij moeten komen, zoals deze.

A16 Little Eva - The Locomotion
Weer eentje die iedereen kent, altijd goed. Arbeidsvitamine op z'n best.

B1 Christie - Yellow River
Het eerste echte dieptepunt op deze tape. Drab.

B2 Shocking Blue - Venus
Het bewijs dat er in Nederland ook goede muziek wordt (werd) gemaakt. Schitterende song draaiend op een briljante riff.

B3 The Flowerpot Of Men - Let's Go To San Francisco
Dit heeft in mijn oren altijd geklonken als een poging om een graantje mee te pikken van de flower power-beweging. Fabrieksmuziek.

B4 The Whatnauts - Girls
Dansvloer op.

B5 Desmond Dekker - Israelites
Nog zo eentje die iedereen kent (lijkt mij). Goede song. Oorwurm eerste klasse.

B6 Ike & Tina Turner - River Deep Mountain High
Wie vindt dit nou niet goed? 
Uhmmm, ikke. Ik snap de aantrekkingskracht van de song. Ik snap de schoonheid van Tina Turners stem in deze song, maar het is naar mijn smaak allemaal wat veel. Er is nergens ruimte in de song. De muziek is volledig dicht geslipt met geluid. Het is te veel.

B7 Joe Cocker - She Came In Through The Bathroom Window
Ik heb in mijn puberjaren - na het zien van de film Woodstock - erg veel naar de jonge Joe Cocker geluisterd. Delta Lady, The Letter, dat werk. Maar op een gegeven moment was ik er ook wel klaar mee, moet ik bekennen. Goed om weer eens wat van de man te horen, al zal dit me niet terugsturen naar de platenzaak om opnieuw veel Cocker te kopen.

B8 The Move - Curly 
Kende ik niet. Dat is geen gemis.

B9 The Scorpions - Hello Josephine
De song kende ik, maar niet in deze uitvoering.

B10 San The Sham & The Pharaohs - Wooly Bully
Jeugdsentiment. Dit singletje zat in de eerder genoemde stapel gekregen platen van mijn ouders. Dit heb ik als klein jongetje tientallen keren gedraaid. Het was met name - zo herinner ik me - de energie van dit nummer dat mij keer op keer deed grijpen naar deze single. Ruim vier decennia later klinkt dit nog steeds goed. Is dat sentiment of is het echt goed? Ik weet het niet, maar ben blij het weer eens te horen.

B11 Dion - Run Around Sue
Nog eentje uit de stapel platen van mijn ouders die met de oude platenspeler bij mijn zus en mij terecht kwam. Dit stond op dezelfde verzamelaar als At The Hop van Danny & The Juniors.

B12 The Bobby Fuller Four - I Fought The Law
Weer zo'n oorwurm die iedereen kent, of in deze versie of in de uitvoering van The Clash. Topsong.

B13 Love Affair - Everlasting Love
Over popklassiekers gesproken... Deze mixtape is afgeladen met songs die iedereen kent.

B14 John Fred & His Playboy Band - Judy In Disguise
Meer oorwurm / allemansvriend.

B15 Kenny Rogers - Ruby Don't Take Your Love To Town
NEE, NEE, NEEEEEEEE!!!!!!! Hier gaat de samensteller van de tape toch echt de fout in. Dit is kitsch van de walgelijkste soort. Doorspoelen.

B16 The Yardbirds - For Your Love
Oké, dit maakt het wel weer goed. 

B17 Everly Brothers - Bye Bye Love
Als afsluiter Bye Bye Love.... Is dat toeval, of had de maker van deze mixtape een bepaald persoon als ontvanger van deze tape op het oog? 
De laatste paar seconden van de song ontbreken, tape vol. Ergerlijk, maar ergens past het ook weer.




Brieven aan Thomas #12

Thomas,

Bob Dylan is - na twee concerten in Amsterdam - weer vertrokken uit ons land. Net als de meeste Nederlanders, ben ik er niet bij geweest. Als dat me doorsnee maakt, doe ik iets fout.

Het zal je niet verbazen dat de reden waarom ik de concerten gemist heb, niks te maken heeft met zin, maar met kunnen. Meer hoef je niet te weten, het zal niks toevoegen. Alleen dit: ik was er niet en daardoor maak ik me zorgen doorsnee te worden. Een dertien-in-een-dozijn-brave-burger. Mijn lieftallige vrouw zegt dat dat onzin is. Ik doe mijn best haar te geloven.

Aan jouw kant van het land alles goed? Ik verlang naar de zee.

Terwijl ik je schrijf draai ik de eerste cd van Through The Open Window, het 18de deel van Bob Dylans Bootleg Series. De jonge Dylan. Heb je 'm al gehoord? Het loont de moeite (= kortste recensie ooit).

Soms is één song genoeg om een hele dag te vullen. Ain't No Grave van de jonge Dylan (Through The Open Window, cd 1, track 12) is daar een voorbeeld van. 

In meerdere recensies van Through The Open Window kwam ik de vraag naar de toekomst van The Bootleg Series tegen. Daaruit blijkt maar weer dat de mensen niet meer weten hoe hun zegeningen te tellen & vooral bezig zijn met wat ze (nog) niet hebben. Het is de verzamelaarsziekte: alleen oog hebben voor wat er nog niet in de kast staat in plaats van genieten van wat er wel is.

Ik sprak laatst een man die vol trots vertelde dat hij - eindelijk - de eigenaar is van alle varianten van het album Hackney Diamonds van de Rolling Stones. Tientallen varianten zijn dat, begreep ik van hem, maar toen ik hem vroeg wat hij van dat album vindt, kon hij mij geen antwoord geven. Ondanks dat het vorige maand twee jaar geleden is dat Hackney Diamonds verscheen, had hij de plaat nog nooit gehoord. Zie daar: de verzamelaarsziekte in optima forma.

Ook ik ben een verzamelaar, maar zo hoop ik toch nooit te worden. 

Zoals je weet kom ik regelmatig in kringloopwinkels. Wat ik sinds een tijdje doe, is allerlei verschillende edities van het boek 1984 van George Orwell kopen. Niet eens zozeer voor mezelf - althans dat is de Hema-rookworst die ik mezelf voorhoud - maar voor later: mocht het politiek nou echt fout dreigen te gaan in Nederland, dan ga ik die boeken uitdelen op straat. 

Is dat ook verzamelaarsziekte? Ik verlang naar de zee.

Pas goed op jezelf,

groet,

TW

06 XI 2025


Through The Open Window; speldenprik #2

Voor wie het gemist heeft, de eerste speldenprik over Through The Open Window, het 18de deel van Bob Dylans The Bootleg Series, lees je hier.

4 november 1961, tijdens zijn concert in Carnegie Chapter Hall brengt de 20-jarige Bob Dylan Young But Daily Growing. In zijn inleiding tot de song vertelt hij dat het een Ierse song is, dat hij het Liam Clancy hoorde zingen, dat hij zich bewust is het Ierse accent dat nodig is voor deze song niet te hebben om vervolgens een werkelijk schitterende versie van Young But Daily Growing te brengen. Dylans inleidende woorden en zijn versie van Young But Daily Growing zijn te vinden op de tweede cd van Through The Open Window (track 4 en 5).

Tijdens het feestje in oktober 1992 in Madison Square Garden om Bob Dylans 30 jaar in de muziek te memoreren, brachten The Clancy Brothers Bob Dylans When The Ship Comes In, maar voordat ze de song inzetten richtte Liam Clancy zich tot het publiek met de woorden: 'You never thought you'd hear Dylan with an Irish accent, did you?' om daarmee - zo realiseer ik me nu - al dan niet bewust terug te grijpen op die novemberavond in 1961 waarop de jonge Dylan 'zijn' Young But Daily Growing zong. [video Clancy Brothers kijk je hier]

~ * ~ * ~

Zou de jonge Bob Dylan wel eens een aflevering van literair tijdschrift Evergreen Review hebben opengeslagen? Dat vroeg ik me af, gisteravond, lezend in Evergreen Review no. 23 (maart / april 1962). Vele schrijvers van de Beat Generation publiceerden in Evergreen Review, maar om dit blad te bestempelen als het lijfblad van de Beats - zoals soms wordt gedaan - is wat overdreven. In no. 23 las ik gisteren naast een verslag van de rechtszaak tegen het boek Tropic Of Cancer van Henry Miller een toneelstuk van Gregory Corso. De jonge Bob Dylan zag Gregory Corso wel eens in de straten van New York, als ik de liner notes van Through The Open Window mag geloven. 

Dat toneelstuk van Corso - Standing On A Street Corner geheten - gaat over een jonge man die op straat mensen bevraagt over de bom en (de noodzaak tot het graven van) schuilkelders. Het is tenslotte 1962, de dreiging van de bom lijkt overal te zijn. Het knappe van Corso's toneelstuk is dat hij de angst relativeert. Zo legt de hoofdrolspeler aan een dame uit dat die schuilkelders nog niet zo fout zijn. Als vader na een drukke dag werken thuis komt en wat rust van vrouw en de schreeuwende kinderen verlangt, kan hij zich terugtrekken in die schuilkelder. De schuilkelder als man cave, zal ik maar zeggen. De dame reageert op zijn verhaal met: 'I'll die before I put my kids in one of them!'

Deze laatste zin deed mij sterk denken aan Bob Dylans Let Me Die In My Footsteps. Is het mogelijk dat de jong Dylan het idee voor zijn song vond in het toneelstuk van Gregory Corso? Ik heb de tijdlijnen niet naast elkaar gelegd, ik weet het dus niet of het qua tijd kan. Feit is wel dat zowel het toneelstuk van Corso als Bob Dylans Let Me Die In My Footsteps producten zijn van een periode aan het begin van de jaren zestig waarin de angst voor de bom het dagelijks leven dreigde te beheersen. 

Bob Dylans Let Me Die In My Footsteps is te vinden op de derde cd van Through The Open Window

~ * ~ * ~

De Evergreen Review waar het toneelstuk van Gregory Corso in staat, bevat een gedicht van Hank Davis, een dichter waar ik niet eerder van had gehoord. In Evergreen Review staat de volgende informatie over deze man: 'Hank Davis is a twenty-year-old singer-songwriter-gitarist who has a weekly show on WKCR-FM in New York. He is a psychology student at Columbia University, and his recent writings include a study of Negro music published by Columbia Review.'

Het gedicht van Davis - dat ik hieronder zal overnemen - deed mij denken aan Bob Dylans With God On Our Side, niet de hele song, maar één regel uit die song: 'I've learned to hate Russians'. Ik ben nooit een groot liefhebber geweest van Dylans With God On Our Side. Het was me altijd een beetje te on the nose. Maar na het lezen van Davis' gedicht, realiseer ik me dat ik te snel geoordeeld heb. Het is me duidelijk geworden dat in de regel 'I've learned to hate Russians' de nadruk niet ligt op 'hate' of 'Russians', maar op 'learned'. De haat is aangeleerd. Nu ik die regel hoor met de nadruk op 'learned', realiseer ik me ook hoe beangstigend actueel die is, kijkend naar de huidige politiek waarin angst voor de ander door populisten door de strot van de burgers wordt geduwd. 

With God On Our Side is te vinden - in een duet met Joan Baez - op de zesde cd van Through The Open Window, een opname van het Newport Folk Festival van 1963. Ook op de laatste cd van Through The Open Window is With God On Our Side te vinden, nu een concertopname uit oktober 1963.

Het gedicht van Hank Davis:

Cognizant

I have every reason
not to like
Khrushchev.

He comes on like a bear.

Russians are insincere;
they lie, cheat
and trick.

I know
I watch channel four.

~ * ~ * ~


Bob Dylans 18de deel van de Bootleg Series: Through The Open Window

Vrijdag 31 oktober 2025, releasedag voor Bob Dylans Through The Open Window, het 18de deel van de befaamde Bootleg Series. 139 tracks (!) verdeelt over acht cd's, opnamen van Kerstavond 1956 tot en met oktober 1963. Een meer dan welkome overvloed aan Jonge Dylan.

Terwijl ik dit schrijf heb ik Through The Open Window nog geen uur in mijn bezit. Verder dan halverwege de eerste cd ben ik nog niet gekomen. Het zal eerder weken dan dagen duren voor ik alles op Through The Open Window tot me door heb laten dringen. Dat is oké, ik heb de tijd. 

Verwacht van mij geen uitvoerige bespreking van iedere song zoals ik bij eerdere delen van The Bootleg Series wel gedaan heb. Dat zit er niet meer in. Verwacht in de komende tijd wel speldenprikken, zoals deze:

Dont Look Back, welke Dylanliefhebber kent deze film en de al dan niet illegaal verspreide outtakes over de Engelse tournee van de Dylan-op-het-punt-een-Fender-om-te-hangen niet? In die film - of in de outtakes, mijn geheugen laat me even in de steek - zit een schitterende scène waarin Bob Dylan op zijn hotelkamer Remember Me speelt. Voor hij er echt voor gaat, meldt hij nog dat hij de song vroeger speelde. Dat 'vroeger' is vier jaar eerder, februari 1961 om precies te zijn, het huis van Bob en Sid Gleason in East Orange (NJ). Dat moment - het 'vroeger' - is gevangen op tape, het staat op de eerste cd van Through The Open Window, track 9. Het is een werkelijk schitterende versie van Remember Me die niet alleen laat horen waar de jong songschrijver zijn mosterd vond - in het verleden - maar ook wijst naar wat nog komen gaat: dat ene op film vastgelegde moment van rust in een hectische tournee.

Ieder nieuw deel van The Bootleg Series is een stukje in de Dylan-puzzel. Hoe meer puzzelstukjes er op tafel komen, hoe makkelijker de verbindingen tussen de verschillende stukjes te zien zijn.

~ * ~ * ~

Video van Remember Me, hotelkamer, 1965 kijk je hier.

Look out kid...

 


Muziek om de herfst door te komen (5 tips)

1. Jeff Tweedy - Twilight Override

In oktober 1996 verscheen het album Being There van de band Wilco. Ik kocht dat album zonder en noot gehoord te hebben, afgaande op de ietwat vreemde, minimalistische hoesfoto. Geen sterportret van bandleden of artistieke glitterbende, maar een foto van een hand en een gitaarhals tegen een groene achtergrond. Being There is een schitterend album dat ik bijna dagelijks draaide in de weken na aanschaf. Na Being There bracht Wilco nog vele albums uit en hoewel er altijd de intentie was om te luisteren, kwam het er nooit van. Hetzelfde gold voor de soloalbums van Wilco-voorman Jeff Tweedy. Ik wilde wel, maar het glipte door de mazen van de tijd. 

Een maand geleden verscheen Twilight Override, een 3 cd's of elpees tellend album van Jeff Tweedy. Ik kan niet verklaren waarom, maar dit keer kocht ik wel. Sinds aanschaf is Twilight Override nooit ver uit de buurt geweest van mijn stereo-installatie. Hoewel Twilight Override vele hoogtepunten kent, wil ik toch vooral even wijzen op de laatste song van de tweede schijf: Feel Free heet die song. Een uitstekend voorbeeld van de kracht van herhaling.

Ik weet natuurlijk nog niet wat er in de laatste twee maanden van 2025 voorbij gaat komen, maar voor nu krijgt Twilight Override mijn stem voor album van het jaar.


2. Jellephant - Beans

Arnhemmer Jellephant is een muzikant die niet stil kan zitten, zo lijkt het. Om de haverklap brengt hij nieuwe muziek uit op elpee, cd of cassette op een eigen label. De oplagen zijn vaak beperkt, en altijd tegen een scherpe prijs. Het lijkt erop dat Jellephant het verspreiden van zijn muziek verkiest boven rijk worden van de royalties. 

Beans - op cassette verschenen in een genummerde oplage van 30 stuks - bevat negentien (!) demo's uit de jaren 2014 - 2020, opgenomen op een viersporenrecorder. De geluidskwaliteit is dus van de huiskamersoort, maar dat is in dit geval alleen maar een plus. Jellephant is het levende bewijs dat goede muziek niet alleen maar wordt uitgebracht door de 'grote jongens' die contracten hebben bij de grote maatschappijen. Er is geen miljoenenbudget nodig om te leveren, dat is wat Jellephant laat horen.

Dè DIY-release van deze herfst. Beans is te vinden op Bandcamp. Daar kun je niet alleen de cassette-release kopen (zolang de voorraad strekt), maar ook een digitale versie van het album kopen of beluisteren, zie hier.

3. Steve Westfield - Mangled

Tot een week geleden had ik nog nooit van Steve Westfield of zijn album Mangled (1994) gehoord. Ik vond de cd in de bakken van een kringloopwinkel. De hoes met daarop een foto van een vreemde robot intrigeerde & dus telde ik de gevraagde €1,10 neer en nam Mangled mee naar huis. Als ik discogs mag geloven is Mangled het eerste en enige soloalbum van Steve Westfield. Naast dit album maakte Westfield albums met de bands Pajama Slave Dancers, The 4 10'ers, Steve Westfield & The Burnouts en Steve Westfield &The Slow Band.

De Bandcamp-pagina van Westfield geeft de volgende beschijving van Mangled:

The first solo album. Rejected by Glitterhouse as too unprofessional, which is true.

Portrait of a guy falling apart. Death, Divorce, and death. A messy journey of Western Massachusett's lo-fi/ folk/country/indie rock of the early 1990's.

Buitenbeentjesmuziek is misschien de beste omschrijving voor wat Mangled te bieden heeft. Een vleugje geniale gekte à la Alexander Spence of Syd Barrett gecombineerd met een snufje Tom Waits, een druppeltje indierock en een mespuntje Neil Young. Tegelijkertijd is de muziek op Mangled gewoon zeer toegankelijk en makkelijk mee te fluiten.

Mangled is door twee verschillende platenlabels in 1994 uitsluitend in Amerika op cd uitgebracht. Geen idee hoe makkelijk / moeilijk het is om aan dit album te komen. Ik zag dat er enkele exemplaren van Mangled te koop worden aangeboden op discogs. Daarnaast is het album te beluisteren op verschillende streamingdiensten en op Bandcamp. Luister hier.

Mangled verdient een groot publiek. Ergens hoop ik op een wereldwijde re-release op cd, elpee en download. 

4. Patti Smith - Horses (50th Anniversary Edition)

Afgelopen week kocht ik voor de vijfde keer het album Horses van Patti Smith. Ik kocht mijn eerste Horses in de eerste helft van de jaren '90 op de boekenmarkt in Deventer, de dag dat ik de ijsverkoopster op diezelfde markt de studentenkamer naast de mijne aanbood omdat die leeg stond, nog niet vermoedend dat ik nog geen 10 jaar later met haar zou trouwen.

Die elpee werd ooit ergens ingeruild voor een cd (Horses #2) om na spijt nogmaals dit album op vinyl te kopen (Horses #3). Ergens onderweg ook nog een cd met bonustracks opgeduikeld (Horses #4) en nu is er dan de 50th Anniversary heruitgave, een dubbelelpee met op de 2de schijf outtakes en dergelijke. Horses #5 dus en voorlopig de laatste, denk ik. 

Ik hoef niemand te vertellen dat Horses een schitterende plaat is, terecht prijkend op menig eeuwige-album-lijst. Wat deze nieuwe editie zo bijzonder maakt, is die tweede schijf met outtakes. De platenzaken worden sinds enige tijd overspoeld met 50th Anniversary versies van menig album, vaak gepaard gaand van extra's als bonusdiscs, fotoboeken en beloftes van een betere geluidskwaliteit. Menig bonusdisc wordt één of twee keer gedraaid om daarna in een kast te verstoffen, simpelweg omdat die outtakes terecht nooit eerder werden uitgebracht. De tweede schijf van deze nieuwe editie van Horses is echter wèl de moeite waard. De ene outtake is nog mooier dan de ander. De meeste een stuk ingetogener dan de versie op het album dat al 50 jaar hoge ogen gooit. De 50th Anniversary Edition van Horses is op dit moment de versie van dit iconische album simpelweg omdat de extra's een uitstekende aanvulling zijn op het daadwerkelijke album.

5. Buzzcocks - Ever Fallen In Love (With Someone You Shouldn't've)?

Afgelopen week tijdens het maken van een mixtape vol Engelse (post-)punk voor mijn zoon en dochter - beiden zijn op ontdekkingstocht door de muziekgeschiedenis aan het gaan & het was tijd voor de punk - had ik nog een paar minuten ruimte over aan het eind van de tape. Na wat zoeken stuitte ik op zolder op de cd Singles Going Steady van Buzzcocks, een cd waarvan ik vergeten was dat ik 'm heb. Bij het doornemen van de cd bleef ik hangen bij track 5 - Ever Fallen In Love - een song in mijn jeugd vooral bekend door de cover van Fine Young Cannibals van het album The Raw & The Cooked (1988) voorzien van een verschrikkelijke jaren '80 nepgeluiden-saus.

Bij eerdere luistersessies naar Singles Going Steady van Buzzcocks was Ever Fallen In Love me nooit zo opgevallen, maar des te harder kwam het nu binnen. Topsong, herontdekking van de maand.


Nebraska '82 is geldklopperij (maar wel mooi)

Bruce Springsteen is een muzikant die mijn respect verdient. Zijn staat van dienst, zijn wat ik voor het gemak maar even 'goede inborst' noem maken van de man meer dan de zoveelste muzikant. Dat gezegd hebbende: ik houd niet van Springsteens muziek. Alleen voor zijn album Nebraska (1982) - en in iets mindere mate The Ghost Of Tom Joad (1995) - maak ik een uitzondering. Nebraska is simpelweg een schitterend album, een positieve uitzondering in Springsteens oeuvre, als je het mij vraagt. Ik keek dan ook erg uit na het verschijnen van Nebraska '82, de ultieme Nebraska-uitgave, zo leek het. Maar nu ik dat vijf schijven tellende boxsetje in mijn bezit heb, heb ik toch vooral het gevoel bij de neus genomen te zijn. Waarom moet ik betalen voor vijf schijven wanneer twee cd's ook genoeg zijn om mij de ultieme Nebraska te laten ervaren?

De eerste cd van Nebraska '82 bevat outtakes van de sessies voor Nebraska. De tweede schijf bandopnamen van Nebraska-songs. De derde cd bevat recente opnamen van door Springsteen & co gespeelde Nebraska-songs. Deze zelfde opnamen zijn ook te vinden op de bijgevoegde dvd (schijf 4). De laatste schijf is een geremasterde versie van Nebraska.
De eerste twee cd's met respectievelijk outtakes en bandopnamen bevatten schitterende muziek. Ze zijn de voornaamste (enige?) reden om Nebraska '82 te kopen. Probleem is dat de speelduur van de eerste schijf nog geen 32 minuten is terwijl de tweede schijf dat nog niet eens haalt. De 17 songs op de eerste twee schijven hadden prima samen op één cd kunnen staan. De derde cd - de recente concertopnamen - is niet alleen compleet overbodig - wat hebben recente concertopnamen met een album uit 1982 te maken - maar bevat ook nog eens beschamend slechte versies van de Nebraska-songs. Deze 'heropname van oude songs' is dusdanig tenenkrommend dat ik nog niet het lef heb gehad naar de dvd met daarop dezelfde opnamen te kijken. Sterker: ik acht het zeer waarschijnlijk dat ik nooit naar die dvd zal kijken. Tot slot de geremasterde versie van Nebraska: aardig natuurlijk dat die erbij zit, maar toch ook wel twijfelachtig. De charme van Nebraska is dat Springsteen de songs opnam op een simpel cassettedeck gezeten aan zijn keukentafel (was het de keukentafel?). Wat al goed klinkt omdat het op een slechte manier is opgenomen hoeft geen remaster te ondergaan. Sterker nog: het verschil tussen de geremasterde en de 'oude' Nebraska is minimaal.

Men had naar mijn smaak kunnen volstaan met twee schijven voor Nebraska '82: op de eerste schijf het album zoals dat in 1982 verscheen - al dan niet geremasterd - en op schijf twee de 17 outtakes en bandopnamen die nu over twee schijven verdeeld zijn. De vijf-schijven versie zoals die nu in de winkels ligt, is pure geldklopperij. Wie bedacht heeft om dat kleine beetje dat er is aan niet eerder uitgebracht materiaal over twee schijven te verdelen en geheel niet relevante (en beschamend slechte) recente concertopnamen toe te voegen op cd & dvd, dient zich de ogen uit de kop te schamen.

En toch ben ik blij dat ik Nebraska '82 heb gekocht. Ja, ik heb veel te veel geld betaald voor wat Nebraska '82 de moeite waard maakt, maar wat is geld? Muziek is veel aangenamer dan geld. En de muziek op die eerste twee schijven zijn om je vingers bij af te likken. Nee, er staat niks op waaruit blijkt dat Nebraska zoveel beter had kunnen zijn, maar dat neemt niet weg dat het mooi is. Een outtake als 'Pink Cadillac' of de bandversie van 'Johnny 99' zijn uitstekende aanvullingen op dat briljante album Nebraska. Met dank aan die outtakes en de bandsongs wordt duidelijk dat Bruce Springsteen ten tijde van Nebraska een hele grote was.

Maarten Giltay Veth - Man Gave Names To All The Animals & Masters Of War

De kunstdrukker Maarten Giltay Veth houdt er een flink tempo op na. Begin september schreef ik op Yowza Yowza over zijn drukwerk na aanleiding van Bob Dylans Oh Mercy en nu - zo'n zes weken later - heeft hij al weer twee nieuwe op Bob Dylan-songs geïnspireerde drukwerken klaar: Masters Of War & Man Gave Names To All The Animals.

Masters Of War

De (helaas) nog steeds relevante tekst van Bob Dylans Master Of War is in de kleuren dieprood en zwart op een gevouwen vel papier (26 x 23 cm) gedrukt. Achter de tekst is een portret van een jonge Bob Dylan (een linosnede) te zien die het geheel afmaakt. De combinatie van tekst en portret zorgt voor een sterk geheel, uitstekend om bijvoorbeeld in te lijsten. 

Man Gave Names To All The Animals

De songtekst van Man Gave Names To All The Animals is in verschillende tinten groen en blauw op de zes pagina's van dit werk gedrukt. Ieder couplet van dit lied - zoals de Dylanliefhebber weet - eindigt met de naam van een dier. Deze dieren zijn door Giltay Veth op schitterende wijze 'gevangen' in uit eenvoudige vormen opgebouwde 'portretten' in bruine inkt, inclusief de naam van bewust dier in een toepasselijk (gemengd) lettertype, ook in bruin, of in blauw. Het in drieën gevouwen blad met daarop de tekst en dierenportretten is vervolgens met de hand gebonden in een groene kaft met op de voorzijde in grote letters de titel van het drukwerk. Man Gave Names To All The Animals - met name door de geslaagde combinatie van de hand gezette tekst met de 'primitieve' dierenportretten - is een waar meesterwerkje van druktechniek waar iedere Dylanliefhebber plezier aan zal beleven.

Meer informatie over en afbeeldingen van Masters Of War, Man Gave Names To All The Animals zijn te vinden op de website Vethgedrukt. Op deze website vind je ook meer informatie over de bestelmogelijkheden en prijzen van beide uitgaven (en Oh Mercy waarvan nog enkele exemplaren verkrijgbaar zijn). Bij interesse adviseer ik snel contact op te nemen met Maarten Giltay Veth want de uitgaven zijn in een zeer beperkte oplage gedrukt.

mixtape #6

Met het ontdekken van (voor mij) nieuwe muziek - of opnieuw aanschaffen van wat ooit al eens beluisterd werd - ontstaat een sneeuwbaleffect. Het horen van een album wekt vaak de behoefte om minstens nog drie andere albums - al dan niet van dezelfde artiest - te horen. Om enigszins orde in de ontstane overvloed aan nieuwe muziek te scheppen, grijp ik steeds vaker terug op het fenomeen dat mij in mijn puberjaren hielp greep op de muzikale chaos te krijgen: de mixtape, aanvankelijk op gebrande cd's & sinds de zomer van 2024 steeds vaker op het oude vertrouwde cassettebandje. Door van nieuwe albums één (of meerdere) song(s) aan de tracklist van een mixtape toe te voegen, levert die mixtape niet alleen in een beperkte tijd veel goede muziek op, maar werkt diezelfde mixtape ook als reminder voor de albums die weer eens gehoord moeten worden. In huize Willems maakt iedereen inmiddels mixtapes welke vaak samen beluisterd worden, bijvoorbeeld tijdens het eten. Want wat is er leuker dan de muziek waar je enthousiast over bent te delen met anderen? En op andere momenten de muziek horen waar zoon- of dochterlief, of 'mevrouw Tom' enthousiast over zijn.

Om de cirkel van delen wat groter te maken, plaats ik hier zo nu en dan - al dan niet met een korte toelichting - de tracklist van een mixtape. Links naar de songs op de tape - waar mogelijk - zet ik erbij.

Misschien is dat wel mijn voornaamste doel: lezers nieuwsgierig maken zodat ze gaan luisteren. Want nogmaals: wat is er leuker dan de muziek waar je enthousiast over bent delen?

'Opruimtape' [oktober 2025]

Binnen een straal van zo'n anderhalve meter van mijn stereo-installatie liggen vaak stapels cd's. Stapels die groeien tot ze scheef gaan hangen en bijna omvallen. Dan is het tijd voor een nieuwe stapel. Het zijn de nieuw aangeschafte cd's die op die stapels terechtkomen, afgewisseld met oude favorieten die aandacht verdienen. Pas wanneer het de spuigaten uitloopt, er geen plek meer is voor nieuwe stapels, of de huiskamer een opruimbeurt verdient - meestal omdat er bezoek in aantocht is - worden de cd's van de stapels naar de cd-kasten verplaatst. Om het opruimen wat te vertragen, maak ik soms een mixtape met de cd's die van de stapels naar de kasten verhuizen. De mixtape waar het in dit stuk over gaat, is zo'n opruimtape. 

A1 Zita Swoon - Hey You, Whatsadoing? van het album Camera Concert.

Dertig jaar geleden - in 1995 dus - zag ik op de buis de videoclip voor Hotellounge (Be The Death Of Me) van dEUS voorbij komen. Het was vooral de stem van dEUS-bassist Stef Kamil Carlens die mij aan dit nummer deed bleven hangen. Niet veel later leerde ik dat Carlens ook een eigen band had, Moondog Jr. heette die band. En die band had net een album uitgebracht: Every Day I Wear A Greasy Black Feather On My Hat. Dertig jaar later is Every Day... nog steeds een van de albums die ik meeneem naar het spreekwoordelijke onbewoonde eiland. 

Moondog Jr. werd al snel Zita Swoon en hoewel Carlens stem nog steeds kippenvel-mooi kan zijn, heeft Zita Swoon nooit meer de hoogte van Moondog Jr. gehaald. Dat neemt niet weg dat heel erg veel Zita Swoon goed is, zoals dit wat rustige Hey You, Whatsadoing? van het live-voor-de-tv-camera-album Camera Concert. De cd van deze uitgave heb ik al een paar keer gedraaid, de bijgeleverde dvd kom ik maar niet aan toe. Misschien is dat omdat je muziek moet horen, niet zien. 

Hoewel, het begon dertig jaar geleden met de videoclip van Hotellounge (Be The Death Of Me) van dEUS. Toch kijken.

Een versie van deze song, staat op Youtube, zie hier.

A2 Shonen Knife - Goose Step Mama van het album Rutles Highway Revisited

Van alle tribute-platen - platen waarop een keur aan artiesten songs van één band of muzikant spelen - is Rutles Highway Revisited  de vreemdste. The Rutles is een band die niks anders doet dan parodieën op The Beatles spelen en dat vaak erg geestig doet. Deze niet al te serieus te nemen band heeft met Rutles Highway Revisited dus een tribute-plaat gekregen waarop verschillende artiesten deze band eren met een cover. Het Japanse garagerockbandje Shonen Knife nam voor deze tribute-plaat Goose Step Mama onderhanden. Alles wat de dames van Shonen Knife onder handen nemen is eigenlijk goed. Zeer aanstekelijk.

Youtube, hier.

A3 Booker T.  and the MG's - Green Onions

Geplukt van een of ander wazig cd'tje vol oude songs. De instrumental die iedereen kent. 

Youtube, hier.

A4 Tom Zé - Vai (Menina, Amanhã De Manhã) van een Best Of... album van Zé.

Ik begin een wat haat-liefde-verhouding te krijgen met de muziek van Tom Zé. De Braziliaanse roots van Zé zijn duidelijk hoorbaar in zijn muziek, soms met een tikje Westerse gekkigheid. 

Youtube, hier.

A5 David Philips - Life On The Wing van het album December Wine (4 Track Tapes)

Life On The Wing combineert twee dingen waar ik een zwak voor heb: thuisopnamen en een goede (eigen) stem. Geen idee of David Philips enige sterstatus heeft, regelmatig de hitlijsten beklimt en niet van de radio te slaan is. Mocht dat niet zo zijn, dan verdient deze Engelse singer-songwriter - afgaande op het album December Wine - dat zeker wel. Dat album, December Wine, heb ik niet zo lang geleden op de gok gekocht. Na één keer draaien was ik verkocht. Topplaat.

Youtube, hier.

A6 Bettie Serveert - Spine (demo) van het verzamelalbum Carry On Ooij (A Brinkman Waaghals Compilation)

Bettie Serveert is waarschijnlijk de beste Nederlandse band. En ja, na debuut Palomine werd het nooit meer zo goed, maar ook alles wat daarna kwam is nog steeds erg goed. Heel erg goed zelfs. Spine - zo leerde ik net van discogs - is een non-albumtrack dat in 1997 op single werd uitgebracht. Ik kwam een demo-versie tegen van dit nummer op de verzamel-cd Carry On Ooij en ben nogal verslingerd aan dit nummer. Geen idee of deze demoversie identiek is aan de eerder genoemde singleversie, overigens.

Youtube, de singleversie, hier.

A7 The Rudy Trouvé Sextet - Thirtysix van Heaven Hotel Presents The Post Punk Side Of Heaven Hotel Part One

Kijk even hierboven naar wat ik schreef over de allereerste track op deze tape. De ontdekkingstocht was ongeveer zo verlopen:

dEUS (Hotellounge) stem SKC -> Moondog Jr. -> Zita Swoon

De ontdekkingstocht gaat verder. Een tijd geleden las ik ergens dat Stef Kamil Carlens ook nu en dan speelde in de band Kiss My Jazz. Na wat speurwerk wist ik het een en ander van Kiss My Jazz op de kop te tikken. Discogs leert dat Kiss My Jazz mede werd opgericht door Rudy Trouvé, de man achter het label Heaven Hotel. Nieuwsgierig geworden naar Trouvé en vooral zijn label, ontdekte ik dat Trouvé in nogal wat verschillende bands speelt / speelde waarvan een groot deel op het label Heaven Hotel zit. Het is niet makkelijk om aan de muziek van Trouvé te komen, maar de verzamel-cd Heaven Hotel Presents The Post Punk Side Of Heaven Hotel Part One bleek nog wel leverbaar. Op deze verzamelaar uit 2023 muziek van onder andere Kiss My Jazz, Dead Man Ray, The Love Substitutes en Rudy Trouvé solo. 

Thirtysix van The Rudy Trouvé Sextet is een vrij toegankelijk nummer. Het doet wat denken aan dEUS (zeg plaat 3 of 4 van deze band).

De ontdekkingstocht doorgezet:

dEUS (Hotellounge) stem SKC -> Moondog Jr, -> Zita Swoon -> Kiss My Jazz -> Rudy Trouvé / Heaven Hotel

Youtube, hier.

A8 Frazey Ford - September Fields van het album Indian Ocean

Het album Indian Ocean van Frazey Ford is zo'n plaat die je bij de eerste keer luisteren bij de strot grijpt. Zo'n plaat waarvan je halverwege al weet dat 'ie wel erg goed is. Zo'n plaat die bij iedere keer luisteren alleen nog maar beter wordt. 

Frazey Ford is natuurlijk bekend van Be Good Tanyas. Na het verlaten van die band is Indian Ocean haar beste soloplaat. Op die plaat combineert ze de country/folk van Be Good Tanyas met vette soul en een flinke lik Ford-ziel. Unieke stem deze vrouw. 

Voor wie denkt: die wil ik op vinyl: Indian Ocean verschijnt binnenkort opnieuw op plaat. Grijp je kans.

Youtube, hier.

A9 Todd Snider - D.B. Cooper van het album To Be Here

Todd Snider is waarschijnlijk de enige muzikant van wie ik de autobiografie las voor ik ook maar een noot muziek van hem hoorde. Dat is toevallig zo gegaan. 

Singer / songwriter met een knauw in z'n stem. 'Tuurlijk, dertien in het dozijn, maar toch goed. 

Youtube, hier.

B1 Jeffrey Lewis - Punk Is Dead van het album 12 Crass Songs

Dit voorjaar kocht ik de elpee The Even More Freewheelin' Jeffrey Lewis van... Jeffrey Lewis. Niet dat ik ook maar iets van deze singer/songwriter kende, maar de hoes van die plaat bevatte een aardige parodie op de hoes van The Freewheelin' Bob Dylan en we weten allemaal hoe ik over Bob Dylan denk. 

The Even More Freewheelin' Jeffrey Lewis bleek niet alleen een geestige hoes te hebben, maar ook nog aardige muziek te bevatten. Vorige week vond ik in de bakken met tweedehands cd's in een van mijn favoriete platenzaken (Waaghals) 12 Crass Songs van Lewis. Een aardige cd, vol opgefokte singer/songwriter-songs en een hoes die verraadt dat Lewis niet alleen muzikant is maar ook striptekenaar. Punk Is Dead is (denk ik) het minst opgefokte nummer op 12 Crass Songs en vooral ook geestig. Om het te kunnen volgen, moet je wel snel luisteren. (Of meer dan één keer draaien, werkt ook goed.)

Youtube, hier.

B2 Jimi Hendrix - It's Too Bad van de boxset The Jimi Hendrix Experience (2000)

Dat Jimi Hendrix veel meer was dan de gitaargod waarvoor hij tot op de dag van vandaag wordt versleten, bewijst onder andere dit It's Too Bad. Opgenomen op 11 februari 1969 met jazzorganist Larry Young en drummer Buddy Miles. Hendrix was een briljant en serieus muzikant die veel meer in z'n mars had dan gitaar-met-z'n-tanden-spelen als een circusattractie voor het op apegapen starende publiek. Klinkt als een jam, meeslepend goed.

Youtube, hier.

B3 Mike Hart - Disbelief Blues van het album Mike Hart Bleeds

Waarom kent niemand Mike Hart?

Eigenlijk is het wel logisch. Zo makkelijk laat Mike Hart zich niet kennen.  Misschien moet je eerst op huwelijksreis naar Londen voor je Mike Hart kunt ontdekken. 

26 jaar geleden gingen 'mevrouw Tom' en ik op huwelijksreis naar Londen. Daar kocht ik bij een antiquair een dichtbundel van Mike Evans omdat ik al bladerend een verwijzing naar Bob Dylan in die bundel was tegengekomen. Rond diezelfde tijd ontdekte ik de poëzie van Adrian Henri met dank aan de door Penguin uitgegeven bloemlezing The Mersey Sound

Vele jaren verder spoelen op de tijdlijn, zeg zo'n 20+ jaren voor ik ontdekte dat Mike Evans en Adrian Henri deel uitmaakten van de band The Liverpool Scene wiens eerste plaat - The Amazing Adventures Of Liverpool Scene geheten - zeker een onbewoond eiland plaat is. Deze Liverpool Scene werd mede opgericht door de Engelse singer-songwriter Mike Hart die na het verlaten van The Liverpool Scene het album Mike Hart Bleeds opnam. 

Veel van de songs op Mike Hart Bleeds spelen leentjebuur bij het oeuvre van de jonge Bob Dylan, maar Mike Hart weet de songs dusdanig een eigen (Engelse!) twist te geven waardoor het nergens stoort. Veel humor, veel tijdsbeeld (eind jaren zestig) en vooral heerlijk.

De cd met daarop de albums Mike Hart Bleeds en Basher, Chalky, Pongo And Me van Mike Hart, is de enige cd die niet van de stapels naar de kast is verhuisd. Die cd ligt nog steeds bij de cd-speler en daar blijft 'ie voorlopig ook liggen.

Youtube, hier.

B4 Jellephant - (Sleep) van het album Spoon Dreams Nothing

Jellephant is Arnhemmer Jelle Haagsma. Hij brengt platen, cassettes en cd's met z'n muziek op de markt zonder winstoogmerk. Die schijven kosten dus weinig. 

De muziek van Jellephant is verslavend. Ergens tussen singer/songwriter, garage, psychedelica en dromerige pop in, afhankelijk van welk Jellephant-album je beluistert. De man is gewoon goed. Net even anders dan wat je altijd al hoort. 

Youtube, hier.

B5 Bob Dylan - Easy Ad Slow van de boxset Rolling Thunder Revue; The 1975 Live Recordings

Zoals ik eerder al schreef: hoe ik over Bob Dylan denk is bekend. Laat ik er alleen dit nog over zeggen: de man torent boven alles en iedereen uit. 

Het aardige is - vooral met de stortvloed aan oude opnames die sinds 1991 van Dylan uitgebracht worden - dat de mans oeuvre nogal wat goed verborgen schoonheid bevat, zoals zijn cover van Easy And Slow, opgenomen op 29 oktober 1975 tijdens een oefensessie voor de Rolling Thunder Revue. 

Zet dit op, blokkeer de legende, blokkeer de mythe, blokkeer de gitaar en luister alleen naar de stem. Naar de stem die de tekst niet zingt, maar leeft. 

Easy And Slow is een van de 10-tallen, 100-den voorbeelden in Dylans oeuvre die laten horen dat er aan het eind van de dag maar één echte zanger is en dat is Bob Dylan.

Youtube, hier.

B6 Kreg Viesselman - The Busker van het album The Pull

Ik had nog nooit van Kreg Vieselman gehoord toen een verkoper op een rommelmarkt de cd The Pull met de woorden 'luister hier maar eens naar' van Kreg Viesselman onder mijn neus drukte. Singer/songwriter met een stem met een rauw randje. Zijn muziek kan zowel glad als ruw tegelijkertijd zijn. The Busker is niet de beste song op deze tape en ook niet de niet beste in Viesselmans oeuvre, maar het is wel een song die werkt om een tape af te sluiten. Een song die je aan het eind laat mompelen 'Nu al? Ik wil meer horen.'

Youtube, hier

~ * ~ * ~