yowza yowza
muziek, tekst, soms wat Dylan & de rest
De invloed van The Country Blues op een jonge Bob Dylan #2 (kleine aanvulling)
In november 2023 kocht ik de door Samuel B. Charters samengestelde elpee The Country Blues. Een paar maanden later schreef ik op de blog de Bob Dylan aantekeningen een stuk over de invloed van dit album op de jonge Bob Dylan (zie hier). In dat stuk probeerde ik hard te maken dat Bob Dylan al voor het krijgen van (een acetate van) King Of The Delta Blues Singers van John Hammond een song van Robert Johnson had gehoord op The Country Blues en dat het diezelfde plaat was waarop hij Fixin' To Die van Bukka White hoorde, een song die hij vervolgens opnam voor zijn debuutalbum Bob Dylan (1962).
Bij de plaat The Country Blues hoort het gelijknamige boek van Samuel B. Charters. Ik weet niet wat eerder verscheen: het boek of de plaat, beiden kwamen uit in 1959. Op de hoes van de elpee wordt verwezen naar het boek. In het boek wordt verwezen naar de elpee. Hoewel het boek prima te lezen is zonder bekend te zijn met de elpee en de muziek op de plaat overeind blijft zonder het boek gelezen te hebben, worden zowel boek als elpee sterker door de combinatie.Nou heb ik het boek The Country Blues van Charters al enkele jaren in huis - misschien al we langer dan ik de plaat heb - maar ik ben dat boek kwijt. Ik moet het op een plek gelegd hebben waar mijn ogen nooit kijken. Onlangs zag ik een exemplaar van het boek staan in de kringloopwinkel. Ervan uitgaande dat ik het eerder gekochte exemplaar niet op korte termijn terug zal vinden, kocht ik het. Las het ook maar gelijk. Het zou me niet nogmaals gebeuren dat ik The Country Blues onvindbaar zou opbergen.
In de verhalen in The Country Blues citeert Samuel Charters regelmatig songteksten van de besproken bluesmuzikanten. Het is opvallend hoeveel door Charters geciteerde tekstregels in The Country Blues al dan niet letterlijk terug te vinden zijn in Bob Dylans oeuvre. Het zijn er dusdanig veel dat het me niet zou verbazen wanneer Dylan The Country Blues heeft gelezen en - al dan niet - bewust heeft gebruikt als inspiratiebron. Natuurlijk is het zeer goed mogelijk dat Dylan dit boek nooit opengeslagen heeft, dat hij de bedoelde bluesregels elders heeft opgepikt. Uit andere boeken of rechtstreeks van opnamen van bewuste musici.
Enkele voorbeelden:
The funniest thing I ever seen
Was a wampus cat with his eyes of green
wordt bij Dylan:
The funniest woman I ever seen
Was the great-granddaughter of Mr. Clean
En:
Thta's why I'm gonna move to the outskirts of town.
That's why I don't want nobody always hanging around.
wordt bij Dylan:
Somebody seen him hanging around
At the old dancehall on the outskirts of town
Opvallend is dat Bob Dylans website een aantal van Dylans invloeden laat zien op de pagina Books of interest, maar dat Samuel B. Charters ontbreekt. Geen The Country Blues op deze site, maar wel andere boeken over blues van onder andere Peter Guralnick en Alan Lomax, geen The Poetry Of The Blues van Samuel Charters, maar wel The Blues Line van Eric Sackheim en The American Songbag van Carl Sandburg. Je zou bijna denken dat Samuel B. Charters is vergeten. Dat is jammer. Dat de mans werk van invloed is geweest op het schrijven van de jonge Bob Dylan staat voor mij wel vast.
Brieven aan Thomas #15
Thomas,
Er is een schitterend gedicht van Jules Deelder over jazzgrootheid Thelonious Monk. Misschien ken je het, het heet 'The Monk'. Dat gedicht is een van de redenen waarom ik ooit in de muziek van Thelonious Monk ben gedoken, aanvankelijk schoorvoetend en met vallen en opstaan, maar inmiddels vol overtuiging koppie onder. Wanneer het eenmaal klikt tussen Monk en de oren, gaat er een wereld open.
In zijn gedicht beschrijft Jules Deelder een optreden van Thelonious Monk waarbij de pianist drie kwartier lang geen noot speelt, slechts danst rond de piano. Het is bekend van Monk dat hij - wanneer zijn band naar zijn idee goed speelde - tijdens concerten zijn plek achter de kruk kon verlaten om te dansen. In de door Youssef Daoudi getekende biografie van de pianist - Monk! Thelonious, Pannonica, And The Friendship Behind a Musical Revolution geheten - komt dat mooi naar voren. In enkele tekeningen van Daoudi danst Thelonious Monk je van de pagina tegemoet. Een aanrader dat boek (onlangs ook in een Nederlandse vertaling verschenen).
Ik heb mij altijd afgevraagd waar en wanneer dat door Deelder beschreven concert geweest moet zijn. Ik heb niet de illusie daar ooit daadwerkelijk achter te komen, maar een beetje dagdromen mag.
Gisteren draaide ik de door Fondamenta in 2017 op dubbel-cd uitgebrachte opname van Thelonious Monks concert op 28 oktober 1967 in De Doelen in Rotterdam (!) en kon ik niet aan de indruk ontkomen dat dit het concert moet zijn geweest dat Jules Deelder inspireerde tot het schrijven van zijn gedicht. Op de opname is duidelijk te horen dat Monk een aantal malen stilvalt. Of hij op die momenten ook danste, is op de cd uiteraard niet te horen, maar als ik mijn best doe, wil ik het geloven.
Oké, nergens op de opname is de pianist drie kwartier bij zijn instrument weg en ook nergens heb ik dat ene alles goedmakende akkoord uit Deelders gedicht gehoord, maar dat is ook logisch: een gedicht is geen recensie.
Uiteindelijk maakt het niet uit of opname en gedicht bij elkaar horen. Voor mij past het. Als ik naar Monks Live At Rotterdam 1967 luister, zie ik de jonge Jules Deelder in het publiek zitten. Hij geniet.
Pas goed op jezelf en je vingers - mocht je vuurwerk gaan afsteken,
groet,
TW
29XII25
~ * ~ * ~ * ~
The Monk
Brieven aan Thomas #14
Thomas,
Ik wilde je vandaag schrijven over het album The Secret Index To The Past van Ed Sanders. Die plaat is een maand of twee geleden verschenen. Ik kwam 'm bij toeval tegen in de bakken van een lokale platenzaak, het was volledig langs me heen gegaan dat Sanders een nieuw album had uitgebracht. Ik had nergens over The Secret Index To The Past gelezen. Niemand had me getipt.
Ed Sanders kan niet zingen, maar doet het wel. Dat is een van de redenen waarom The Secret Index Of The Past bij eerste beluistering grote indruk op mij maakte. Dat was een paar dagen geleden. Vanochtend liet ik de elpee voor een tweede keer onder de naald draaien, maar gek genoeg werd ik dit keer minder van mijn stuk gebracht door wat ik hoorde. Was het niet het juiste moment om naar Sanders te luisteren of is The Secret Index To The Past zo'n plaat die aanvankelijk werelds lijkt, maar bij betere beluistering toch tegenvalt? Ik weet het (nog) niet.
Ik laat Sanders rusten voor nu, kom er later op terug. Naast de twijfel over wat ik vind van die plaat, is er nog een tweede reden om dat te doen. Terwijl Sanders draaide, bladerde ik door het kunsttijdschrift Apollo. In dit tijdschrift staat onderstaande afbeelding.
Bij het zien van dit werk moest ik gelijk denken aan de hoes van Everyday I Wear A Greasy Black Feather On My Hat van Moondog Jr:
Men zegt wel eens dat het vooral de muziek is die je rond je 15de jaar hoort die je de rest van je leven zal bij blijven, maar daar moeten wel uitzonderingen op zijn. In het jaar dat Everyday I Wear... verscheen, vierde ik mijn 22ste verjaardag en werkte ik in een bibliotheek, voornamelijk op de muziekafdeling. Een collega schoof het net binnengekomen Moondog Jr.-album onder mijn neus met de woorden 'luister dáár maar eens naar.'
Het album moest me veroveren. Ik luisterde een keer of drie, vier naar die van de bibliotheek geleende cd voor ik besloot het ding te kopiëren op cassette. Na nog twee, drie keer die cassette draaien was ik verkocht en kocht ik een eigen exemplaar van Everyday I Wear A Greasy Black Feather On My Hat.
We zijn dertig jaar verder. Moondog Jr. werd Zita Swoon. Stef Kamil Carlens - de man achter zowel Moondog Jr. als Zita Swoon - maakte soloplaten, de een beter dan de ander, maar nooit meer werd het zo goed als op die ene elpee van Moondog Jr.
Had je mij 25 jaar geleden gevraagd welke tien albums ik mee zou nemen naar het denkbeeldige onbewoonde eiland, dan zou ik Everyday I Wear... als een van de eerste noemen. Vraag het me vandaag en die lijst is compleet anders dan 25 jaar geleden. Slechts twee titel hebben al die tijd op die lijst gestaan: deze van Moondog Jr. en Bringing It All Back Home van Bob Dylan.
Zó goed is Every Day I Wear A Greasy Black Feather On My Hat.
Nu komt het vreemde: pas na zo'n kwart eeuw luisteren naar Moondog Jr. viel het kwartje. Ik heb het over die bandnaam: Moondog Jr. Dat is een verwijzing naar Moondog, zo realiseerde ik me uiteindelijk, de excentrieke muzikant, ook bekend als de Viking Of Sixth Avenue. Wie goed luistert, hoort overeenkomsten tussen de muziek van Moondog en Moondog Jr., vooral wanneer je luistert naar de enkele instrumentale stukken op Every Day I Wear A Greasy Black Feather On My Hat.
Mocht je gaan luisteren naar Moondog Jr., verwacht dan niet dat het kwartje valt bij de eerste keer luisteren naar Everyday I Wear A Greasy Black Feather On My Hat. Geef de plaat een kans, de tijd. Luister een paar keer en als je de juiste oren hebt, zul je een album voor het leven rijker zijn. En als het klikt tussen jou en Everyday..., ga dan ook op jacht naar de ep TV Song van Moondog Jr. die voor het album verscheen en de cd-single Jintro & The Great Luna om dan gelijk maar alles van Moondog Jr. tot je te kunnen nemen.
Pas goed op jezelf,
Mocht ik je voor die tijd niet meer spreken: goede feestdagen,
Groet,
TW
20XII25
Ted Joans
Afgelopen april kwam ik bovenstaande fragment uit de film Jazz & Poetry van Louis van Gasteren op YouTube tegen. Ik heb een zwak voor de dichter Ted Joans, dit fragment was een openbaring voor mij. De opnamen zijn gemaakt in Amsterdam in 1964, aldus de informatie op YouTube.
Het eerste door Joans voorgedragen gedicht was een aantal jaar geleden te horen in De Wereld Draait Door. Bij de woorden 'Jazz is my religion' - het tweede gedicht - zal menig poëzieliefhebber doen denken aan Jules Deelder, maar deze woorden zijn niet van Deelder zelf, hij vond ze bij Ted Joans.
Sinds april sluimert de gedachte dat ik 'iets' met dit filmpje moet op deze blog in mijn achterhoofd, maar wat precies wist ik niet. En het gekke is dat in de maanden sinds april out of the blue hier en daar kleine verwijzingen naar dit optreden van Joans opduiken in wat ik lees.
Eerst was er het boek Schrijversleven; dagboekaantekeningen van Remco Campert. In een dagboekaantekening van 25 september 1962 schrijft hij: '(...) naar avond in Sheherezade [moet zijn: Sheherazade, jazzclub] belegd door Sim. Vin. [Simon Vinkenoog] Voel mij minder hip dan ooit, terwijl ook niet bizonder beat. Op deze avond zal jazz gespeeld worden en poëzie gelezen. [...]
Hoofdschotel van de avond is de Amerikaanse beat-dichterschilder Ted Joans, who is spreading the good word in Europe. Ik las weleens beroerde dichtershoeklyrische gedichten van hem en zinnen als: "I cannot deny that I am Ted Joans Afro American negro colored spade spook mau mau soul-brother coon jig darkie, etc." En: "I have never owned a gun and never killed anything - I guess there is too much good God art in my heart to hurt something physically". Wekt geen vertrouwen, zoiets, bij de gewaarschuwde man.'
Het is wat vreemd dat Campert deze aantekening in 1962 maakte terwijl volgens de informatie bij het YouTube-filmpje de opnamen van Ted Joans twee jaar later gemaakt zijn. Gaat het om twee verschillende optredens, of klopt een van de twee dateringen niet?
Aan het begin van het filmpje bedankt Joans Simon voor de introductie, dat moet wel haast de ook door Campert genoemde Simon Vinkenoog zijn.
In tijdschrift Jazz bulletin van december 2022 staat het door Erik van den Berg geschreven artikel 'ting ting ting in de bleke zon' over Simon Vinkenoog en jazz. Van den Berg: 'Niet veel later [na het verschijnen van Vinkenoogs boek Hoogseizoen (1962)] wordt Vinkenoog een gangmaker van jazz and poetry in Nederland. Hij organiseert combinaties van "toffe jazz, poëzie, happenings, acts, battles of the instruments" in de Amsterdamse jazzclub Sheherazade, waarvan een avond in 1964 door cineast Louis van Gasteren wordt vastgelegd in de documentaire Jazz and Poetry. Daarin zien we de Amerikaanse jazzdichter Ted Joans aangekondigt als "distinguished guest" bij het kwartet van Piet Kuiters, altist Herman Schoonderwalt, bassist Ruud Jacobs en drummer Cees See.'
Weer dat jaar 1964...
Diezelfde Erik van den Berg publiceerde eerder dit jaar het schitterende boek De jazzband van den Duivel, waarin hij schrijft over jazz in Nederlandse fictie. In dit boek is het boven genoemde artikel 'ting ting ting in de bleke zon' opgenomen, maar dit stuk is niet de enige in De jazzband van den Duivel waarin Ted Joans genoemd wordt. In het stuk over Jules Deelder komt - hoe kan het ook anders - Joans' lijfspreuk 'jazz is my religion' voorbij en in het essay over L.Th. Lehmann lees ik: 'In de jaren zestig trad Lehmann op met trompetist Nedly Elstak en in de Amsterdamse club Sheherazade sloot hij vriendschap met de Amerikaanse jazzdichter Ted Joans. Een periode waarnaar hij verwijst in zijn gedicht "Poetry and jazz", met de aantekening "Combo op de achtergrond. Up-tempo"
Vervolgens citeert Van den Berg een deel van het gedicht 'Poetry and jazz', maar in dat geciteerde fragment geen Ted Joans.
Ik bezit slechts één bundel van Lehmann, het in 1966 verschenen Luxe. Ik hoopte daarin 'Poetry and jazz' aan te treffen, tevergeefs, maar al bladerend bleef mijn oog hangen aan het eerste deel - 'verkenning' geheten - van het gedicht 'December 1963 Atheense dodekalogie' waarin Ted Joans te vinden is:
De internationale zwerversbrigade,
(noem ze geen beatniks;
hier schuilt een standverschil;
beatniks wassen zich niet)
ook voor een goede zaak:
zichzelf.
Geen souvenirzaak verdient aan hen
en geen duur hôtel.
Ze kijken niet naar het Parthenon,
kopen geen Aráchova-tassen,
loeren niet op pittoreske typen
en zijn a dead loss voor tourist business.
Toch zette Pappa Spiros op Syntagma
naast de American Express,
met dure ouzo en lauwe espresso
ook hen af, tegelijk met
winkelende Griekse hoedendames
en Ted Joans die op het terras zit
koud en gekleed op Kenya
met zijn trompet in de plastic zak.
Het wachten is nu op de grote Vinkenoog-biografie waarin - hoop ik - een en ander zal staan over Ted Joans in Nederland. Of toch eerst maar de Joans-biografie lezen, enkele maanden geleden verschenen.
Een beroemd kaartje
Toch heb ik een toegangskaartje voor dat eerste Dylanconcert op Nederlandse bodem. Ik koester het alsof ik wel bij dat concert was. (En op een bepaalde, verwrongen manier was ik ook bij dat concert.)
Dat kaartje kocht ik via Marktplaats van een Dylanliefhebber die niet alleen in geest, maar ook fysiek in De Kuip was op 23 juni 1978 om Bob Dylan te zien optreden.
Schreef ik, toen ik dat kaartje kocht, al aan mijn boek Bob Dylan in Nederland 1965 - 1978 (2011) of had ik alleen nog maar wilde plannen? Ik weet het niet meer. Ik weet wel dat ik dat kaartje kocht om het te kunnen afdrukken in mijn boek over Dylan. Ik vond toen dat ik zo'n kaartje moest bezitten, tussen mijn vingers moest kunnen wrijven om überhaupt over Bob Dylan in Nederland te kunnen schrijven.
Enfin, ik kocht een toegangskaartje voor een concert dat al een tijdje voorbij was. Toen de enveloppe met het kaartje door de brievenbus op de mat viel, kwam het met een punt op de grond waardoor de rechter bovenhoek van het kaartje kreukelde. Daar baalde ik van. Bovendien was het kaartje door de vorige eigenaar uit een plakboek geknipt. Op de achterzijde van het kaartje zit een klein kartonnen vierkant geplakt, een restant van een bladzijde uit een plakboek.
Geen perfect kaartje, maar wel mijn kaartje.
Ieder concertkaartje heeft een uniek nummer, dat op mijn kaartje is bijzonder: 001941. Bob Dylan werd in 1941 geboren. Dat dat kaartje van mij een eigen leven zou gaan leiden, kon ik toen nog niet voorzien.
Twee jaar na het verschijnen van Bob Dylan in Nederland 1965 - 1978, op 23 juni 2013, schreef ik op de blog Bob Dylan in (het) Nederland(s) over dat eerste concert in Nederland. Die dag was het precies vijfendertig jaar geleden dat Bob Dylan voor het eerst in Nederland speelde. Bij dat stuk, bestaande uit een korte inleiding en een fragment uit mijn boek, plaatste ik twee afbeeldingen, waaronder mijn toegangskaartje.
Het is de door mij online gezette scan geweest waarmee de reis van mijn concertkaartje begon.
In november 2014 publiceerde Uitgeverij De Kring het boek Drie akkoorden en de waarheid van Rob van Scheers. Ik heb dat boek niet gelijk gekocht nadat het verscheen. Het exemplaar van het boek dat ik heb gelezen is de vierde druk.
Rob van Scheers schrijft onder andere over Bob Dylan in dit boek, daarbij gaat hij kort in op Dylans eerste concert in Nederland. Drie akkoorden en de waarheid is rijk geïllustreerd. Op bladzijde 26 van het boek staat een toegangskaartje van Bob Dylans eerste concert in Nederland afgedrukt, in zwart-wit. De punt rechtsboven van het afgebeelde kaartje is gekreukeld, alsof die punt ergens tegenaan gestoten is. Het nummer op het kaartje verraadt wat ik bij een eerste blik op die afbeelding al vermoedde: het is mijn kaartje dat in het boek van Van Scheers staat afgebeeld. Die ontdekking bevreemd me. Aan de ene kant is het leuk, misschien zelfs wel eervol dat uitgerekend mijn kaartje in het boek van Van Scheers is afgedrukt, maar aan de andere kant had ik het ook wel prettig gevonden als ik dat had geweten. Waarom stuurde Rob van Scheers of Steven Boland - de verzorger van de binnenkant van Drie akkoorden en de waarheid - me niet even een berichtje met de mededeling dat ze een afbeelding van mijn blog hebben gehaald voor gebruik in een boek?
Na lang twijfelen en het overwinnen van veel schroom - zoiets doe ik normaliter niet - heb ik eind januari 2015 Rob van Scheers geschreven over een aantal Dylan-zaken in zijn boek, waaronder over dat kaartje. Drie dagen later krijg ik antwoord: 1 of 2 zaken zullen aangepast worden in een nieuwe druk van Drie akkoorden en de waarheid en dat concertkaartje heeft hij inderdaad van internet 'geplukt'.
Of er in latere drukken van Drie akkoorden en de waarheid iets staat over de bron voor die afbeelding op bladzijde 26 weet ik niet. Het leven is veel te kort om daar lang bij stil te staan.
2017: Bob Dylan komt in april voor drie concerten naar Amsterdam. Concertpromotor Mojo blikt op de eigen website terug op Dylans eerste concert in Nederland. Dat doen ze door het plaatsen van een filmpje met beelden van Bob Dylans concert in De Kuip en een interview met Mojo-baas Leon Ramakers. Daarnaast plaatst Mojo twee afbeeldingen op de site: een advertentie van Bob Dylans eerste concert en een concertkaartje. Je raadt het al: dat afgebeelde kaartje heeft wat kreukels in de rechterbovenhoek en het unieke nummer 001941. Mijn kaartje dus. Mojo maakt op de website keurig melding van de plek waar ze beide afbeeldingen gevonden hebben: de blog Bob Dylan in (het) Nederland(s). Als dank krijg ik van Mojo twee toegangskaarten voor een van Dylans concerten in Nederland. Niet gek voor het ‘lenen’ van twee afbeeldingen.
Datzelfde jaar publiceert Jerry Bloom zijn boek Bob Dylan’s Picnic over Dylans Blackbushe-concert van 15 juli 1978. En ook in dit boek staat mijn Kuiptoegangskaartje in kleur en de advertentie waarin Dylans eerste concert op Nederlandse bodem werd aangekondigd, door Bloom geplukt van de blog Bob Dylan in (het) Nederland(s), of van de website van Mojo.
In september 2018 plaatste ik een stuk online over de plekken waar dat ene concertkaartje, mijn concertkaartje inmiddels was opgedoken.[1] Dat stuk eindigde ik met: “Iets in mij zegt dat de reis van dit kaartje nog niet afgelopen is. Dat het vaker op zal duiken. Misschien is het al elders opgedoken zonder dat het mij is opgevallen. Het kan, het is immers inmiddels een beroemd kaartje.”
Toen wist ik nog niet dat ik dat kaartje wederom zou afdrukken in mijn sterk uitgebreide geschiedenis van de ontvangst van Bob Dylans muziek in ons land, het in 2021 verschenen Bob Dylan in Nederland 1965 – 1984 of dat de Vlaamse Dylanverzamelaar Luc De Vos een platenspeler in zijn bezit zou krijgen waarvan de bovenzijde een afbeelding van mijn concertkaartje bevat. Of dat muziektijdschrift Heaven ook dat kaartje weet te vinden.
Het is eind 2025. In de nieuwe Heaven (#1 jan. Febr. 2026) staat een afbeelding van een concertkaartje bij het artikel van Peter de Ruiter en Wim Bot over Bob Dylans album Blood On The Tracks. De rechterbovenhoek van het afgebeelde kaartje heeft wat kreukels, kaartje nummer 001941. Mijn kaartje. Het kaartje dat in juni 1978 werd gebruikt om de Kuip binnen te komen om bij thuiskomst in een plakboek te verdwijnen. Zo’n drie decennia later werd het verpatst via Marktplaats waarna het via een blog terechtkwam in vier boeken, op de website van een concertpromotor, op een platenspeler van een Dylanverzamelaar en in een muziektijdschrift.
Het is dan ook een heel beroemd kaartje, dat kaartje van mij.
vijf tips
Vijf tips om in deze decembermaand op je verlanglijst te zetten, of - nog leuker - juist weg te geven. Drie albums, twee boeken. En nee, ik heb niet de wijsheid in pacht. Maak dus vooral je eigen keuzes, wees eigenwijs.
1. Chrissy Zebby Tembo - My Ancestors
Zamrockalbum, verscheen voor het eerst in 1976. De originele versie in onvindbaar, gelukkig zijn er in de loop der jaren meerdere heruitgaven verschenen. Gooi wat psychedelische rock, Afrikaanse muziek en een goede stem bij elkaar, flink roeren en je krijgt het album My Ancestors. Met Paul Ngozi op gitaar.De eerste keer draaien is My Acestors goed. De tweede keer erg goed. Na de derde draaibeurt ontstaan de ontwenningsverschijnselen en blijf je dit draaien.
Meer informatie vind je hier.
De titelsong beluister je hier.
2. Alja Spaan - Iets dat op een route leek en een kaart van die andere wereld
Dat Alja Spaan een dichter is om in de gaten te houden, bewijst ze dagelijks op haar website met een nieuw gedicht. In Iets dat op een route leek en een kaart van die andere wereld onderzoekt Spaan de relatie met haar moeder. Een moeder die in haar laatste jaren haar decorum aflegt en daardoor voor dochter Alja toegankelijker wordt.
Dichtbundel voor iedereen die een moeder heeft.
De website van Alja Spaan vind je hier.
Uitgebreide recensie van Spaans bundel door Pom Wolff lees je hier.
Iets dat op een route leek en een kaart van die andere wereld is in iedere goede boekwinkel te bestellen.
3. Brigitte Fontaine - Brigitte Fontaine Est... Folle
Het album Brigitte Fontaine Est... Folle (1968) van de ietwat vergeten Franse zangeres Brigitte Fontaine is onlangs opnieuw uitgebracht op elpee en cd, inclusief een sloot aan bonustracks als demo's en instrumentale versies van songs van Brigitte Fontaine Est... Folle. Maar het zijn niet deze extra's die de aanschaf van Brigitte Fontaine Est... Folle tot een must maken, maar de elf songs van het album zoals dat voor het eerst in 1968 verscheen. Een unieke botsing tussen Franse Chansons, psychedelica, kitsch en poprock, dat is wat dit album de moeite waard maakt.
Openingstrack Il Peut beluister je hier.
4. Sean Murphy - Punk Rock Jesus
Zesdelige comic reeks geschreven en getekend door Sean Murphy, verschenen tussen september 2012 en januari 2013. De zes delen zijn verzameld in een gelijknamige Trade Paperback.Punk Rock Jesus vertelt het verhaal van het creëren van een clone van Jezus met behulp van DNA van de Lijkwade van Turijn. Uiteraard wordt dit niet gedaan om enige nobele reden, maar om de centen en de roem. De jonge Jezus-clone groeit op op een eiland waar constant camera's op hem gericht zijn voor de aan hem gewijde reality tv-show. De stress die dat de jonge Jezus-clone geeft, zorgt ervoor dat hij de kont tegen de krib gooit en zich ontwikkeld tot punk.
Voor een indruk van Murphy's tekenstijl, zie hier.
Punk Rock Jesus is inmiddels meer dan 10 jaar oud, maar wie wat moeite doet kan een prima tweedehands exemplaar vinden of een recente heruitgave.
5. Muluken Mellesse with the Dahlak Band - Muluken Mellesse with the Dahlak Band
De eerste heruitgave van dit niet te vinden album uit 1976 werd recent door het label Heavenly Sweetness op de markt gebracht. Voor liefhebbers van de Ethiopiques-serie. Volgens de hypesticker is dit album een van de laatste albums die in de jaren zeventig in Ethiopië kon verschijnen.
Songs van het album zijn op Bandcamp te beluisteren, zie hier.
Brieven aan Thomas #13
Thomas,
Ging vanochtend in alle vroegte de wekker af zodat je op tijd in de wachtrij kon plaatsnemen bij de lokale platenzaak? En zo ja, heb je de Black Friday-releases kunnen kopen waar je je zinnen op had gezet? Voor mij was er maar één release die ik graag wilde hebben: de teruggetrokken versie van The Freewheelin' Bob Dylan. Deze versie van Freewheelin' bevat vier songs die uiteindelijk vervangen zijn door andere songs, zoals Girl From The North Country en Masters Of War. Nadat een paar jaar geleden de teruggetrokken versie van Blood On The Tracks al was uitgebracht, kon het niet uitblijven dat ook deze Freewheelin' een keer zou uitkomen. Dat heeft uiteindelijk nog lang geduurd. Dat er dan nu eindelijk een officiële release is van de teruggetrokken Freewheelin', zal te maken hebben met het verschijnen van Through The Open Window, het achttiende deel van The Bootleg Series.
Nu de originele Freewheelin' eindelijk 'gewoon' uitgebracht is - 62 jaar later - zal hier en daar de vraag opduiken welke beter is: deze originele versie, of de Freewheelin' zoals die al sinds jaar en dag door Jan & alleman beluisterd wordt. Ik vind dat een lastige vraag om te beantwoorden. Die twee versies van Freewheelin' verschillen dusdanig van elkaar, dat er in mijn ogen eerder sprake is van twee verschillende albums dan van twee verschillende versies van hetzelfde album. Rocks And Gravel is ten slotte een compleet andere song dan Girl From The North Country. Daar waar Let Me Die In My Footsteps een song van het opgeheven hoofd is, is Masters Of War er eentje - om het even oneerbiedig te stellen - van het wijsvingertje. Onvergelijkbaar met elkaar. Talkin' John Birch Paranoid Blues en Talkin' World War III Blues vertonen wel overeenkomsten, maar Rambling, Gambling Willie staat mijlenver van Bob Dylan's Dream.Aan die song Let Me Die In My Footsteps moest ik gisteren nog denken toen de door de overheid verspreidde folder Bereid je voor op een noodsituatie door de brievenbus viel, maar dit terzijde.
Enfin, vandaag duik ik dus in de teruggetrokken Freewheelin' en dat terwijl ik Through The Open Window misschien al wel van begin tot eind gehoord heb, maar nog niet geheel tot me door heb laten dringen, om nog maar te zwijgen over de Anthology-uitgaven van The Beatles. Allereerst natuurlijk de nieuwe cd/lp-versie en daarnaast een uur of acht aan documentaire op Disney+. Anthology 4 heb ik gehoord & afgezien van wat ik er van vind, is dit toch wel een dingetje. We hebben het wel over een nieuwe release van The Beatles anno 2025.
The Beatles, wie kent ze niet, zou je zeggen. Dat was toch wel even schrikken vanochtend in de rij voor de platenzaak. In de etalage van die zaak lagen wat Beatles-releases (Anthology, Abbey Road). De jongen achter mij (jaar of 16, 17, schat ik) had nog nooit van The Beatles gehoord. Zijn moeder was bereid hem een en ander bij te brengen, maar ook haar kennis van The Fab Four reikte niet veel verder dan de bandnaam.
Wordt het niet tijd dat enige basiskennis over The Beatles wordt onderwezen op de middelbare school? Anders vrees ik dat we over een aantal jaren niet alleen een rookvrije, maar ook een Beatlesloze generatie hebben. Dat kan niet goed zijn voor de maatschappij.
Ik zeg The Beatles vanaf heden onderwijzen op de scholen & een overheid die iedere ontvanger van de folder Bereid je voor op een noodsituatie ook een exemplaar van de teruggetrokken Freewheelin' toestuurt, al is het alleen maar om Let Me Die In My Footsteps onder de aandacht te brengen.
Pas goed op jezelf,
groet,
TW
28XI25
PS: mocht je nog een exemplaar van de teruggetrokken Freewheelin' zoeken, stuur me even een mailtje. Ik weet een platenzaak die pas morgen z'n Black Friday-releases krijgt. Als je daar morgen naartoe gaat, heeft 'ie vast een exemplaar voor je.







